Let op vet! Dit was lange tijd de slogan van het voedingscentrum om je te waarschuwen toch vooral uit te kijken met het consumeren van vet. Het was dé veroorzaker van hart- en vaatziekten, samen met roken en in combinatie met te weinig bewegen. Dus als je bang bent om vet(ter) te eten is dat helemaal niet gek. En je bent ook niet de enige, getuige de vele reclame die er tegenwoordig wordt gemaakt voor voedingsmiddelen met minder of zelfs helemáál geen vet.

We willen allemaal zo gezond mogelijk eten en vetten leveren wél de meeste energie nietwaar, 9 kcalorieën per gram. Koolhydraten en eiwitten slechts 4, zelfs alcohol maar 7. Logisch dan toch dat je denkt dat vet slecht is?

Het nieuwe denken
Inmiddels weten we dat vet helemaal niet zo slecht is als we altijd hebben gedacht. Sterker nog, we hebben het nodig, het is zelfs belangrijk om gezond te worden én om af te vallen. Jawel! Tijd voor een spannende ommezwaai dus.

Onze hersenen bestaan voor tweederde uit vet. Het vormt een beschermlaag om onze cellen, de wanden van onze aderen worden ermee gebouwd en vetmoleculen fungeren als boodschappers wanneer je een ontsteking hebt of een bloedend wondje wat ‘gedicht’ moet worden. Ook voor de opname van de zogenaamde ‘in vet oplosbare’ vitamines kunnen we niet zonder.

Al sinds de jaren zestig zijn er onderzoeken bekend die erop wijzen dat vet helemaal niet zo slecht is, maar dan wel het juiste soort vet! En dat is best moeilijk… hoe weet je welke soort je moet kiezen? Hoezo zijn er überhaupt verschillende soorten? Vet is toch gewoon… vet?
Niets is minder waar. Dat er verzadigd en onverzadigd vet is weten we inmiddels wel, maar lipiden, (tri)glyceriden, (on)verzadigde- en transvetzuren, linolzuur, Omega-6 en Omega-3?

Welk vet?
Eigenlijk is het enige wat je hoeft te onthouden: transvet is écht slecht. Dat wordt gevormd bij het hard maken van vloeibaar vet en zit in koek, snoep, afbakbrood en -pizza’s, croissants, kant-en-klaar maaltijden, junkfood, kortom: alles waarvan je toch al weet dat het ongezond is. Makkelijk toch?

Hoe minder er aan ons voedsel geknutseld is hoe beter en dat kun je zien aan het etiket. Hoe minder erop staat hoe minder bewerkt het product is. Dus ga eens etiketten lezen, heel leerzaam! Okee, dat kost even iets meer tijd als je de volgende keer boodschappen doet, maar tegenwoordig kun je in de meeste supermarkten een lekker kopje koffie of thee nemen.
En staat bij de ingrediënten “plantaardig vet, gedeeltelijk gehard” of “gehydrogeneerd vet”, wees dan op je hoede.

Uitdaging
Oh ja, die spannende ommezwaai! Spannend want het is niet niks om zomaar je ideeën over wat gezond is los te laten en in het diepe te springen met meer vet in je voeding. Als je mindert met koolhydraten moet je vanzelf wel meer eiwitten en vooral meer vetten consumeren  en dat is best eng. Het druist immers in tegen alles wat je geleerd hebt over gezond eten. Maar sinds we mager en ‘light’ zijn gaan eten zijn we met zijn allen alleen maar dikker geworden, dat geeft toch te denken nietwaar?

Het is een beetje als met autorijden sinds we de gordel zijn gaan dragen: omdat het veiliger lijkt zijn we onveiliger gaan rijden, want ons kan niets gebeuren.
Heb je weleens gekeken wat er in een pot pindakaas zit? Normaliter is dat pinda’s, olie en evt. zout.Vergelijk dat eens met pindakaas ‘light’: een deel van de pinda’s is vervangen door glucosestroop, de goedkoopste en slechtste vorm van suiker. Wat is daar dan ‘light’ aan? Gezond vet wordt ingeruild voor ongezonde suikers, tja. En als je dan bedenkt dat je lever zelf koolhydraten (en dat ís suiker) omzet in vet schiet je er uiteindelijk niets mee op. Het is ook niet lekkerder, vet voegt juist meer smaak aan je eten toe.

Probeer het eens en ga weer genieten van wat je eet! Durf je het aan?

Karin
TheNewFood