Selecteer een pagina

Belangrijke experts op het gebied van diabetesonderzoek en -behandeling trekken het huidige behandelplan van diabetici in twijfel. Op dit moment bestaat de behandeling van diabetici voornamelijk uit het normaliseren van de bloedsuikers door middel van medicatie. Dr. Richard Feinman en zijn collega’s zijn echter van mening dat een koolhydraatarm dieet de eerste en belangrijkste stap behoort te zijn binnen de behandeling van diabetes patiënten, zoals werd toegepast in het verre verleden voor het bestaan van diabetes medicatie. Logisch eigenlijk: het zijn namelijk koolhydraten die de grootste boosdoeners zijn bij het ontregelen van de bloedsuikers. ( originele artikel)

In een recent wetenschappelijk artikel beschrijven de diabetes professionals een sterk betoog waarom het huidige behandelplan aangepakt zou moeten worden. 12 belangrijke argumenten worden uitgelicht die hun standpunt onderbouwen. Daarbij maken zij gebruik van gedegen resultaten uit eerder onderzoek.

Diabetes mellitus en behandeling
Allereerst een korte toelichting over diabetes mellitus in het algemeen. Diabetes mellitus type 1 is suikerziekte die vaak ontstaat bij jonge mensen doordat het lichaam insuline niet meer aanmaakt. Insuline regelt, samen met glucagon, de bloedsuikerspiegels in het lichaam. Diabetes mellitus type 2 wordt vaak ouderdomssuiker genoemd hoewel diabetes type 2 ook steeds meer voorkomt onder jonge mensen. Bij diabetes mellitus type 2 is het vaak zo dat de het lichaam ongevoelig is voor insuline of dat het lichaam onvoldoende insuline aanmaakt. Mensen die ongezonder leven hebben een hoger risico op diabetes mellitus type 2. Orale medicatie, het spuiten van insuline en/of een koolhydraatarm dieet kunnen helpen om de bloedsuikers weer op pijl te krijgen. Het koolhydraatarm dieet houdt in dat maar 10% van de dagelijkse inname aan calorieën mag bestaan uit koolhydraten. Ook bestaan er laag koolhydraat diëten die een inname van minder dan 26% van de calorie-inname aanhouden. Een inname van ongeveer 40-70% koolhydraten van het totaal aan calorieën is de aanbeveling. Wanneer de bloedsuikers niet stabiel blijven kan dit grote gevolgen met zich meebrengen waaronder een verhoogd risico op hart- en vaatziekten.

12 punten van bewijs voor het koolhydraatarm dieet

1. Hyperglycemie is het grootste probleem bij diabetici – een koolhydraatarm dieet heeft het sterkste effect op het verlagen van de bloedsuikers.
Hyperglycemie betekent dat de bloedsuikers te hoog zijn. De te hoge bloedsuikers zijn de oorzaak van een laag insulinegehalte in het lichaam om het bloedsuikerniveau terug te dringen. Vaak en langdurig een hyperglycemie kan de bloedvaten aantasten. Verschillende onderzoeken laten zien dat een koolhydraatdieet effectief is om de bloedsuikers te verlagen. Een onderzoek vergeleek diabetici met een koolhydraatarm dieet met diabetici met een calorie dieet. Na 24 weken was het bloedsuikergehalte gedaald in beide groepen. Echter, de grootste daling werd geobserveerd in de groep mensen met het koolhydraatarm dieet. Daarnaast nam het positieve effect toe met de tijd. Dit was niet het geval in de groep met het caloriebeperkte dieet waarbij de bloedsuikers niet verder daalden na 16 weken. Bij mensen zonder diabetes werd nauwelijks verschil gevonden.

2. De laatste jaren is het aantal mensen met overgewicht, obesitas en diabetes type 2 sterk toegenomen. Gedurende deze toename is ook de calorie-inname gestegen die voor het grootste gedeelte is toe te schrijven aan een verhoogde koolhydraatinname.
Dit blijkt uit data van de NHANES, een groot bevolkingsonderzoek onder Amerikanen. Deze gedachte wordt onderbouwd door de biologische oorzaak van het ontstaan van diabetes. Het eten van veel koolhydraten leidt tot het constant stimuleren van de insuline-aanmaak. Een constante stroom van insuline zorgt voor een verminderde vetafbraak en een verhoogd transport van vetten naar weefsels zoals de alvleesklier, waar insuline wordt aangemaakt, en de lever. Leververvetting wordt in verband gebracht met ongevoeligheid voor insuline, obesitas en diabetes mellitus type 2.

3. De voordelen van een koolhydraatarm dieet zijn onafhankelijk van gewichtsverlies.
Het is lastig om het effect van een koolhydraatarm dieet te onderzoeken omdat het vaak samen gaat met een verlaagde calorie-inname. Zoals te zien in Figuur 1 heeft een caloriebeperkt dieet op zich al een positief effect op de bloedsuikers, hoewel minder sterk dan dat van een koolhydraatarm dieet. Daarnaast kampen ook mensen zonder overgewicht met diabetes en krijgen niet alle mensen met overgewicht diabetes. Resultaten van een onderzoek laten zien dat diabetes type 2 patiënten die een koolhydraatarm dieet volgenden, maar stabiel bleven in gewicht, verbeterde bloedsuikers hadden. Dit resultaat kan van groot belang zijn omdat veel mensen moeite hebben met het verliezen van gewicht door middel van minder eten. Het blijkt dus dat een koolhydraatarm dieet effectief is, onafhankelijk van het eten van minder calorieën.

4. Hoewel gewichtsafname niet nodig is bij het verbeteren van de bloedsuikers, is ook het koolhydraatarm dieet het meest effectief in het bereiken van gewichtsafname.
Eerder onderzoek heeft aangetoond dat gewichtsafname bij diabetici met een koolhydraatarm dieet groter is dan bij diabetici die afvallen met het volgen van de richtlijnen goede voeding, respectievelijk 6,9 kg en 2,1 kg. Ook in vergelijking met een vetbeperkt dieet doet het koolhydraatarm dieet het beter. Een voorbeeld van een koolhydraatarm dieet is het Atkins dieet. Dit dieet legt geen beperkingen op wat betreft calorie-inname met de gedachte dat het eten van meer vetten en eiwitten voor een verhoogd verzadigingsgevoel zorgt waardoor mensen minder eten.

5. De mate waarin mensen een koolhydraatarm dieet kunnen volhouden is op z’n mist evengoed als andere diëten, zo niet beter.
Dat het koolhydraatarm dieet beter vol te houden is dan een ander dieet kan toe geschreven worden aan een beter verzadigingsgevoel door het eten van meer vetten en eiwitten, zoals hierboven genoemd. Daarnaast zorgen eiwitten en vetten voor minder bloedsuikerschommelingen. Sterke bloedsuikerschommelingen kunnen leiden tot een hongergevoel. Verder gaat een vetbeperkt dieet, in tegenstelling tot een koolhydraatarm dieet, vaak samen met een beperking van het aantal calorieën. Dat is voor veel mensen vaak moeilijk vol te houden.

6. Vervanging van koolhydraten door eiwitten is over het algemeen effectief.
Een groot aantal onderzoeken hebben een eiwitverrijkt-koolhydraatbeperkt dieet vergeleken met een vetbeperkt-dieet. Keer op keer bleek het dieet met meer eiwitten en minder koolhydraten het meest effectief bij gewichtsafname, een verbeterde lichaamssamenstelling en verminderd risico op hart- en vaatziekten. Een verbeterde lichaamssamenstelling wordt bereikt wanneer meer gewichtsafname plaats vindt in vet-massa ten opzichte van vetvrije-massa. Vetvrije-massa bestaat onder andere uit spieren. Een onderzoek heeft de resultaten van 87 relevante studies gebruikt om het effect van verschillende diëten op gewichtsafname en lichaamssamenstelling te vergelijken. Het bleek dat diëten met een koolhydraatinname van 35-41% van het totale aantal calorieën per dag, 1,7 kg meer gewichtsverlies en 2 kg meer afname in vet-massa tot gevolg hadden in vergelijking met diëten met een hoger percentage koolhydraten. Daarbij bespaarde een eiwitverrijkt dieet meer vetvrije-massa. De conclusie van de onderzoekers was dat een eiwitverrijkt-koolhydraatbeperkt dieet het meest effectief is in gewichtsafname en het verbeteren van de lichaamssamenstelling.

7. Er is geen duidelijk verband gevonden tussen verzadigd vet en het risico op hart- en vaatziekten.
Dit heeft betrekking op het koolhydraatarm dieet gezien een gedeelte van de koolhydraten wordt vervangen door vetten. De extra vetten lijken geen verhoogd risico met zich mee te brengen. In het verleden werd vaak gedacht dat verzadigd vet een verhoogd risico op hart- en vaatziekten veroorzaakte. Wetenschappelijk bewijs naar deze relatie blijft echter afwezig. In het verleden werd vaak gerefereerd naar een grote Finse studie waaruit wel degelijk een relatie bleek tussen een verhoogd verzadigd vetinname en het risico op hart- en vaatziekten. Dit onderzoek is echter uitgebreid bekritiseerd in de literatuur wat betreft de manier van onderzoeken en lijkt dus geen bewijs voor de relatie tussen verzadigd vet en het risico op hart- en vaatziekten.

8. Verzadigde vetzuren in het bloed worden meer bepaald door koolhydraatinname dan door vetinname.
Zoals genoemd is een directe relatie tussen verzadigde vetzuren in de voeding en een verhoogd risico op hart- en vaatziekten nooit op een gedegen manier aangetoond. Wel heeft onderzoek uitgewezen dat verzadigde vetzuren niet correleren met hart- en vaatziekten maar dat koolhydraten meer van invloed zijn. Opnieuw heeft een onderzoek een groep mensen onderworpen aan een koolhydraatarm dieet in vergelijking met een vetbeperkt dieet. Het bleek dat het koolhydraatarm dieet meer invloed had op de vetzuren in het bloed dan het vetbeperkt dieet ondanks dat de groep met het koolhydraatarm dieet meer verzadigde vetzuren tot zich nam.

9. Het risico op micro-vasculaire, en in mindere mate macro-vasculaire, complicaties bij diabetes type 2 patiënten is voor het grootste gedeelte te voorspellen aan de hand van de HbA1c-waarde.
Met micro-vasculaire complicaties worden complicaties bedoeld aan de kleine bloedvaten, zoals in de ogen, nieren en zenuwen. Macro-vasculaire complicaties zijn complicaties aan de grote bloedvaten zoals in het hart, de hersenen en de benen. Met de waarde van HbA1c in je bloed kan worden aangetoond of bloedsuikers op langere termijn stabiel zijn gebleven.

In punt 7 kwam al naar voren dat er geen verband bestaat tussen verzadigde vetzuren en het risico op hart- en vaatziekten. De studies die dit punt ondersteunen hebben echter niet specifiek onderzoek uitgevoerd met proefpersonen met diabetes. Onderzoek dat wel werd uitgevoerd met diabetici resulteerde in een afgenomen risico op micro-vasculaire complicaties met 37% bij een afname van 1% in HbA1c. Uit punt 1 kwam al naar voren dat een koolhydraatarm dieet HbA1c verlaagd.

10. Een koolhydraatarm dieet is de meest effectieve methode om het triglyceridengehalte in je bloed te verlagen en het HDL-gehalte te verhogen.
Onderzoek heeft aangetoond dat een koolhydraatarm dieet de sterkste afnames veroorzaakt in voorspellers van hart- en vaatziekten: triglyceriden, gewicht, HbA1c en glucose. Daarnaast leidt een koolhydraatarm dieet tot een toename in HDL (goed cholesterol), die kans op hart- en vaatziekten verlaagt. Hoewel LDL (slecht cholesterol) en totaal cholesterol vaak worden gebruikt om het risico op hart- en vaatziekten te bepalen, zijn juist de parameters die het meest beïnvloed worden door een koolhydraatarm dieet vaak sterker in verband gebracht met hart- en vaatziekten dan LDL en totaal cholesterol.

11. Diabetes type 2 patiënten die een koolhydraatarm dieet volgen verminderen, of stoppen geheel, met de diabetes medicatie. Mensen met diabetes type 1 verlagen gebruikelijk de insuline bij het volgen van een koolhydraatarm dieet.
Onderzoek liet zien dat 17 van de 21 patiënten met een koolhydraatarm dieet de diabetes medicatie verminderden of zelfs geheel elimineerden.

12. Bijwerkingen van het volgen van een koolhydraatarm dieet zijn, tot nu toe, niet ontdekt. Dit in tegenstelling tot het gebruik van diabetes medicatie.
De bijwerkingen van diabetes medicatie zijn uitgebreid in kaart gebracht. Een aantal bijwerking zijn zelfs ernstig te noemen. Er wordt bijvoorbeeld gesuggereerd dat Rosiglitazone (Avandia ®) een verhoogd risico veroorzaakt op een hartinfarct of zelfs dood door hart- en vaatziekten. Het risico waar mensen met een koolhydraatarm dieet zich bewust van moeten zijn is het verhoogde risico op een hypoglycemie wanneer, naast het dieet, ook medicatie wordt gebruikt. Een hypoglycemie kenmerkt zich door een te laag bloedsuiker en kan leiden tot onder andere beven, transpireren, wazig zien, hoofdpijn en hartkloppingen. Met het eten van suikers kan een hypoglycemie worden aangepakt. Een hypoglycemie kan voorkomen worden door de juiste begeleiding van een diëtist of huisarts wanneer gestart wordt met een koolhydraatarm dieet.

Aanpassen diabetes behandeling lijkt nodig

Duidelijk is dat men met het huidige behandelplan er niet in slaagt de diabetes epidemie onder controle te krijgen. Daarnaast lijkt het veel toegepaste vetbeperkte dieet geen successen te boeken wat betreft het overgewichtprobleem, hart- en vaatziekten en de algemene gezondheid. Ook is het gebruik van diabetes medicatie niet zonder bijwerkingen. Wel hebben verschillende onderzoeken de effectiviteit van een koolhydraatarm dieet aangetoond bij diabetici. Daarnaast zijn geen wetenschappelijk onderbouwde nadelen van het koolhydraatarm dieet in kaart gebracht. Dit alles wijst erop dat een koolhydraatarm dieet weer toegepast moet worden als belangrijkste pilaar in de behandeling van diabetici.

En verder…

Een belangrijk punt dat moet worden genoemd is dat, zoals bij alle behandelingen, niet voor iedereen een bepaalde behandeling het beste is. Het merendeel lijkt baat te hebben bij een koolhydraatarm dieet. Hoewel is benoemd dat een koolhydraatarm dieet mogelijk beter is vol te houden, onder andere door de hogere verzadiging van eiwitten en vetten, kan het natuurlijk zo zijn dat bepaalde mensen wat betreft smaak een koolhydraatarm dieet toch moeilijker vol kunnen houden. Op dit moment zal er meer onderzoek moeten plaatsvinden om alle invalshoeken van het koolhydraatarm dieet bij diabetici uit te lichten. Onderzoek zou bijvoorbeeld uit kunnen wijzen of het weglaten van een bepaald soort koolhydraat meer voordelen oplevert dan de ander. Verder is het van belang meer onderzoek uit te voeren naar de mogelijke nadelen van het langdurig volgen van een koolhydraatarm dieet.

Bron: Feinman RD, Pogozelski WK, Astrup A, Bernstein RK, Fine EJ, Westman EC, Accurso A, Frasetto L, McFarlane S, Nielsen JV, Krarup T, Gower BA, Saslow L, Roth KS, Vernon MC, Volek JS, Wilshire GB, Dahlqvist A, Sundberg R, Childers A, Morrison K, Manninen AH, Dashti H, Wood RJ, Wortman J, Worm N, Dietary Carbohydrate restriction as the first approach in diabetes management. Critical review and evidence base, Nutrition (2014), doi: 10.1016/j.nut.2014.06.011.