Wat is ketose?

Een artikel van Cardioloog Axel F. Sigurdsson 

Ketose is een toestand waarin we terechtkomen als de lever kleine organische moleculen produceert die we ketonen noemen. De meeste cellen in ons lichaam kunnen ketonen gebruiken als bron voor energie. Als er weinig andere externe energiebronnen in het lichaam aanwezig zijn, zoals wanneer we langere tijd weinig koolhydraten binnen krijgen, zorgen ketonen grotendeels voor energie. ‘In ketose zijn’ is dus een natuurlijke aanpassingsstrategie van het lichaam, waardoor we ook in tijden van honger kunnen overleven.

Er is veel verwarring over de term ‘ketose’, zowel onder leken als medisch deskundigen. Wanneer en waarom ben je in ketose? En wat is het verschil met de stofwisselingsziekte die we ketoacidose noemen? Cardioloog Axel F. Sigurdsson legt het uit.

 

Koolhydratenverbranding

Je kunt het menselijk lichaam zien als een biologische machine. Om te functioneren heeft die machine energie nodig. Waar sommige machines elektriciteit nodig hebben, werkt ons lichaam meestal op glucose. Om energie te krijgen moeten cellen glucose uit het bloed opnemen. Als dat eenmaal is gebeurd, gaat er een reeks van metabolische reacties in werking, waarbij de glucose wordt omgezet in kooldioxide en water. Er komt dan energie vrij.

Een teveel aan glucose slaat het lichaam op als glycogeen, voor eventueel later gebruik. Glycogeen bestaat uit lange ketens van glucosemoleculen en is vooral in de lever en de skeletspieren te vinden. Glycogeenvoorraden in de lever worden gebruikt om het glucosepeil op orde te houden en voorraden spierglycogeen voorzien meestal de spieren van brandstof.

 

Overschakelen naar vetverbranding

Wat als je nu minder koolhydraten gaat eten? Koolhydraten zijn meestal de belangrijkste bron van glucose en andere suikermoleculen, zoals fructose en galactose. Als je minder koolhydraten eet gebruikt het lichaam vetten en eiwitten voor energie. De meeste cellen zijn in staat vetzuren als brandstof te gebruiken; voor hersencellen en rode bloedcellen is dat lastiger. Hersencellen kunnen zich echter aanpassen en zijn dan in staat ketonen die vrijkomen bij de verbanding van vet te gebruiken voor energie.

Als er geen koolhydraten beschikbaar zijn, verbrandt de lever niet al het vet dat er binnen komt. In plaats daarvan produceert het ketonen. Als er meer ketonen worden geproduceerd dan het lichaam nodig heeft, hopen die zich op in het bloed, wat resulteert in de zogenaamde toestand ‘ketose’. In deze staat verkeren veel mensen die heel weinig koolhydraten eten of vasten. De ketonen omvatten drie verbindingen: aceton, acetoacetaat en beta-hydroxyboterzuur. Mensen met veel ketonen in hun bloed hebben daarom soms een adem die naar aceton ruikt (dat zit ook vaak in nagellak).

Als de glycogeenvoorraden in het lichamen uiteindelijk uitgeput raken, wordt het lichaamsvet afgebroken, wat resulteert in een verhoogde beschikbaarheid van vetzuren. De meeste cellen kunnen die gebruiken voor energie, maar veel vetzuren komen niet door de bloed-hersenbarrière. Daarom zijn de hersenen afhankelijk van ketonen die de lever produceert.

Maar ketonen worden niet alléén geproduceerd als de glycogeenvoorraden op raken. In feite produceert de lever voortdurend ketonen. Onderzoek toont aan dat het hart en de nieren liever ketonen dan glucose als brandstof gebruiken. Een teveel aan ketonen verlaat je lichaam vanzelf weer via urine en wanneer je uitademt via de longen. Als je in ketose bent is dat dus gemakkelijk aan te tonen via de urine.

 

Ketogeen dieet of koolhydraatarm dieet

Wanneer je de dagelijkse koolhydratenconsumptie terugschroeft tot minder dan 25 gram per dag, schakelt het lichaam meestal over op ketose. Meestal stijgen de ketonenwaarden dan boven 0.5/mml/L, wat tien keer meer is dan bij mensen die bijvoorbeeld 300 gram koolhydraten per dag eten. Je eet dan voedsel dat rijk is aan natuurlijke vetten en eiwitten en minder koolhydraten heeft. Typische koolhydraatarme producten zijn boter, rundvet, reuzel, eendenvet, slagroom, olijfolie, kokosolie en groene bladgroenten.

Het is voor velen nog steeds moeilijk te geloven dat dit een gezonde manier van eten is. Het druist dan ook in tegen alles wat we ooit over voeding hebben geleerd. Maar koolhydraatarme diëten zijn getest en er is echt geen bewijs dat die ons lichaam schade toebrengen. Inderdaad, we kennen nog niet alle langetermijneffecten van dergelijke diëten, maar er is geen reden om aan te nemen dat deze manier van eten ongezond is.

Koolhydraten diëten worden zelfs gebruikt als remedie tegen epilepsie bij kinderen en er zijn aanwijzingen dat ook volwassen mensen met epilepsie er bij baat bij zouden kunnen hebben. Dit was overigens al bekend in 1920, maar toen moest een ketogeen dieet plaats maken voor medicijnen tegen epilepsie.

Mensen die minder koolhydraten eten vallen af. De insulinegevoeligheid verbetert meestal en er zijn andere metabolische voordelen. Bovendien tonen studies aan dat koolhydraatarme diëten zorgen voor minder triglyceriden in het bloed en een hoger HDL-cholesterol (het ‘goede’ cholesterol), in vergelijking met vetarme diëten. Er zijn ook aanwijzingen dat koolhydraatarme diëten de groei van kankercellen beïnvloeden en de kwaliteit van leven van kankerpatiënten verbeteren.

 

Klachten in het begin

Maar de omschakeling van het lichaam op een andere verbranding (niet die van koolhydraten) heeft tijd nodig. Mensen die net begonnen zijn met vasten of minder koolhydraten eten kunnen eerst last krijgen van verschillende klachten als hoofdpijn, misselijkheid, vermoeidheid, een droge mond, slechte adem, maagklachten, vaak moeten plassen en een ‘duf hoofd’. Maar deze symptomen zijn meestal van tijdelijke aard en vinden meestal alleen in de eerste paar dagen plaats. Sommige symptomen worden veroorzaakt door uitdroging. Het is daarom belangrijk om veel te drinken en ook het eten van zout kan helpen.

 

Ketose is geen ketoacidose

Iets heel anders is de stofwisselingsziekte ketoacidose. Daarbij wordt het bloed zuur (de PH-waarde daalt) als gevolg van een teveel aan ketonen. Dat kan ernstige gevolgen hebben en, mits niet behandeld, leiden tot een coma en de dood. De ziekte komt meestal voor bij diabetici en alcoholisten.

Maar hoewel ketonen zuur zijn, weet het lichaam meestal de zuurtegraad van het bloed binnen de perken te houden. ‘’In ketose zijn’ is per definitie een gezonde metabolische toestand, waarbij het lichaam in staat is om zelf voedingsstoffen aan te vullen. Wie echter zelf geen insuline meer aan kan maken, zoals mensen met diabetes type 1 en soms diabetes type 2, loopt meer risico om een onveilige hoeveelheid ketonen in het bloed.

 

  

Heb je nog vragen na het lezen van deze informatie? Stuur me even een bericht.

Matty Barnhoorn
TheNewFood