Selecteer een pagina
Wie wordt te dik? Wie krijgt diabetes 2?

Wie wordt te dik? Wie krijgt diabetes 2?

Er bestaan veel vooroordelen over dikke mensen en mensen met diabetes 2. ‘Ze hebben het er zelf naar gemaakt’ of ‘ze kunnen geen maat houden’. Zijn die vooroordelen terecht? Doen ze iets anders dan anderen? Kun je ‘zien’ of voorspellen wie dik wordt? Of wie diabetes 2 krijgt?  

WE GAAN HET ONDERZOEKEN BIJ 12 PROEFPERSONEN 

We nemen twaalf (denkbeeldige) proefpersonen en kijken hoe ze ervoor staan. Zes mannen en zes vrouwen, allen in de veertig. Ze eten zoals aanbevolen door het voedingscentrum, dus letten ook op vet. Maar ze snacken ook regelmatig tussendoor, met koek, fruit, snoep, pizza, bier, frisdrank en dergelijke. Ze eten veel koolhydraten. Ze bewegen allemaal voldoende, op hun werk, op de fiets, met de hond of in de sportschool.

Hoeveel van deze twaalf mensen is te dik?
Vijf mensen zijn ‘gewoon’ wat te dik en vier zijn ernstig te zwaar. Dat komt door die enorme hoeveelheden koolhydraten die ze steeds eten. Het lijf wordt daardoor koolhydratenmoe (insulineresistent) en kan koolhydraten niet meer gebruiken als brandstof, maar bergt ze op in vetcellen. 

Hoeveel van deze twaalf mensen is slank? 
Drie van hen zien er slank uit. Eén van hen ziet er slank uit maar is dat niet; hij is dik ‘van binnen’. Koolhydraten worden opgeslagen in vetcellen rond de organen. Denk aan een vervette lever. Deze man is dus slank maar zeer ongezond. En dan zijn er nog twee ‘normale’ slanke mensen. Zij kunnen eten wat ze willen. Ze lopen wel kans om koolhydratenmoe te worden, als ze steeds heel veel koolhydraten blijven eten.

Hoeveel van deze twaalf mensen is aan de lijn?
Vier vrouwen zijn ‘altijd aan de lijn’. Ze hebben al veel diëten geprobeerd en vallen daar soms flink mee af. Maar in de periode erna komen ze meestal al snel weer aan, vaak nog meer dan ze zijn afgevallen. Geen van het is echt slank.

Hoeveel van deze twaalf mensen heeft diabetes 2?
Eén persoon heeft diabetes type 2 en spuit insuline. Wie is diegene? Kun je dat zien? Nee. Deze persoon is dikker, maar niet ernstig te zwaar. Zij heeft gewoon pech. Diabetes 2 had namelijk elk van degenen die koolhydratenmoe is kunnen overkomen. Wat maakt dan precies het verschil? 

Bij sommige mensen willen de vetcellen ineens niet meer meewerken aan het opbergen van die ladingen koolhydraten. Gevolg: koolhydraten blijven in het bloed zitten. En dan is het zover: je hebt diabetes type 2. Bij wie vetcellen gaan weigeren, is vooraf meestal niet te voorspellen. Maar soms wel: als diabetes 2 in de familie voorkomt, of bij mensen van een bepaalde afkomst.

Hoeveel van deze twaalf mensen heeft andere gezondheidsproblemen
Tien personen hebben gezondheidsproblemen, vaak te hoge bloeddruk en cholesterolproblemen, maar ook maagzuur/maagklachten, darmklachten, hormonale problemen en galblaasproblemen. Klachten die meestal worden veroorzaakt door koolhydratenmoeheid.

Hoeveel van deze twaalf mensen krijgt in de komende jaren ook diabetes 2?
Zeker één van hen zal in de komende jaren diabetes type 2 ontwikkelen. En misschien zelfs twee of meer: het aantal mensen met diabetes 2 neemt heel snel toe! Overigens kan dit makkelijk worden voorkomen door over te stappen op een koolhydraatarme aanpak. Daarover zo meer.

ANGELIQUE, VERPLEEGKUNDIGE, KREEG ZELF DIABETES 2

Tijdens mijn opleiding tot verpleegkundige, leerden we over de 3 D’s. Dik, Dom en Diabetes.
Ik dacht, mij overkomt dat natuurlijk niet. Omdat ik snel dikker werd, at ik zoveel mogelijk vetarm en weinig calorieën. Keurig volgens de schijf van vijf, veel koolhydraten dus. Twee jaar geleden bleek ik ineens diabetes type 2 te hebben. Ik schaamde me enorm, de 3 D’s dreunden nog door in mijn hoofd: daar zat ik dan zelf als dikke domme diabeet aan de insuline.

Angelique heeft inmiddels geen diabetes type 2 meer, hier lees je haar verhaal.

WAT KUNNEN WE VAN ONZE PROEFPERSONEN LEREN?

Iedereen kan dik worden
De twee proefpersonen die van binnen en van buiten dun zijn, eten net als de anderen, misschien zelfs nog wel meer! Het ligt er dus niet aan dat dikke mensen ánders eten, ze worden dik doordat hun lijf koolhydratenmoe is. Gewoon domme pech dus.

Iedereen kan diabetes type 2 krijgen
Als je vetcellen niet meer willen meewerken heb je diabetes 2. Dat kan bij iedereen gebeuren. Of je nu dik bent of dun. Wie uiteindelijk diabetes 2 krijgt is niet te voorspellen. Mensen met diabetes 2 hebben gewoon dubbele pech! De oorzaak van diabetes is niet overgewicht. Bij de één beginnen de vetcellen te weigeren bij een normaal gewicht, terwijl een ander misschien wel 200 kilo weegt.

Ja, echt iedereen, dik, dun, dom, slim, sportief of juist niet… 
Ook jouw dokter, die ogenschijnlijk ‘perfect’ en ‘uitermate gezond’ eet en die tegen jou steeds over ‘leefstijl’ begint kan diabetes type 2 krijgen! Ook jouw broer die vijf keer per week sport en ZELFS je vriendin die zich keurig aan de schijf van vijf houdt en 350 gram koolhydraten per dag eet. Geen reden om je te schamen dus, als jij toevallig pech hebt.

Soms is wel een oorzaak voor diabetes 2 aan te wijzen
Aanleg (genen) kan een belangrijke rol spelen. Je ziet vaak dat diabetes type 2 in bepaalde families vaker voorkomt. Blijkbaar is dan de hele familie koolhydratenmoe en heeft iedereen vetcellen die het sneller opgeven. Ook mensen van Surinaams-Hindoestaanse, Turkse of Marokkaanse afkomst lijken deze aanleg vaker te hebben. Ook bijvoorbeeld roken of bepaalde medicatie kunnen een belangrijke rol spelen.

KUNNEN ONZE PROEFPERSONEN IETS DOEN?

Is lijnen en maat houden de oplossing?
Veel minder eten kán tijdelijk werken! Maar calorieën drastisch minderen is lastig, want je hebt continu honger. Je voelt moe en wordt chagrijnig; je lijf schreeuwt om meer koolhydraten. En je schiet in de spaarstand, waardoor je uiteindelijk nog vermoeider en dikker wordt. 

Is gezond koolhydraatarm/keto eten de oplossing?
Je raadt het al: ja! De meeste gevolgen van een koolhydratenmoe lijf kun je terugdraaien. Met een gezonde koolhydraatarme aanpak kun je je lijf weer voeden en voorzien van energie. Je cravings verdwijnen, je krijgt eetrust. Je valt af, je wordt weer gezonder en je kunt vaak al snel al je medicatie laten staan. Je voelt aan alle kanten dat deze manier van eten past bij je lijf. Je loopt geen risico meer om diabetes 2 te krijgen!

DIABETES 2 EN WEER DE BAAS WORDEN OVER JE LIJF? 

Starten met deze aanpak
Ook als je diabetes 2 hebt kun je gewoon de STARTGIDS volgen. Gebruik je bloedsuikerverlagende medicatie? Zoals gliclazide of spuit je insuline? Volg dan altijd het stappenplan op deze pagina.

Persoonlijke begeleiding?
Wij kunnen je ook één op één helpen als je het liever niet in je eentje doet, want dat is best spannend en misschien ben je er wat onzeker over. Verpleegkundige Lara Schalk kan je twee maanden begeleiden. Hier vind je meer informatie.

Verder lezen

Kirsten (47 jaar) is 70 kilo kwijt

Kirsten was altijd aan de lijn en werd steeds dikker en ongezonder. Toen ze de 150 kilo naderde, ging ze op zoek naar een aanpak die echt werkt. Zo kwam ze bij TheNewFood uit. Anderhalf jaar later is ze 70 kilo lichter, een stuk fitter en gezonder. Ze mocht ook...

Afvallen met een beperking

Moeder Gisella en haar man willen graag het verhaal delen van hun zoon Jacob. Gisella is enorm trots dat Jacob, die een verstandelijke beperking heeft, deze gezonde koolhydraatarme/ keto aanpak van TheNewFood volgt. Het gaat hem geweldig goed af, hij heeft prachtige...

Keto in de spreekkamer bij POH Joke

Joke Postma, POH (praktijkondersteuner) bij huisartsenpraktijk Havelte, viel zelf in een jaar 25 kilo af met de aanpak van TheNewFood en is nu fitter en energieker dan ooit. Ze gunde ook al haar patiënten dit succes en inmiddels adviseren Joke en haar collega deze...

Emmy viel 80 kilo af

Emmy (56) was als kind te dik en op haar twaalfde kwam ze voor het eerst bij een diëtiste terecht. Zonder veel succes. Met de jaren werd ze steeds zwaarder en kreeg ze steeds meer lichamelijke en ook geestelijke klachten. Ze had steeds meer medicatie nodig. In haar...

60 kilo lichter en een blij mens

Nancy (41) werd vanaf de pubertijd zwaarder. Na een ongeval in 2005 vlogen de kilo’s er zelfs aan. Nancy verloor steeds meer de grip op haar eigen leven; alles draaide om anderen. In januari 2021 gaat ze aan de slag met TheNewFood, een keuze die haar leven volkomen...

Samen sterk en 100 kilo kwijt

Feonique (49) en Terence (44) waren beiden altijd al te zwaar. In de loop van de jaren kwamen er niet alleen kilo's bij, maar ook steeds meer vervelende klachten. Zoals extreme vermoeidheid, pijnlijke gewrichten, maagzuur, eczeem en benauwdheid. De huisarts geeft aan...

Femke stopt haar diabetes

Femke (1988) heeft al haar hele leven CF (taaislijmziekte). Op haar 15de komt daar diabetes bij, als gevolg van de CF. Ondanks de insuline krijgt ze haar bloedsuikers niet onder controle. De vele hypers en hypo's beheersen haar doen en laten. Femke wil zo niet verder...

Naomi kreeg haar leven terug

Naomi (32) groeit op met onverklaarbare pijnen en vermoeidheid. Het blijkt fibromyalgie te zijn en het beperkt haar enorm in wat ze kan, ook qua studie en werk. In de loop van de jaren wordt ze ook zwaarder en om af te vallen start ze met TheNewFood. Tot haar grote...

Manja heeft spijt van haar maagverkleining

Manja (45) is getrouwd, heeft 3 kinderen en is als verpleegkundige werkzaam in het Tyltylonderwijs. Als kind was ze al 'een dikkertje' en als tiener was ze al regelmatig streng aan de lijn. Toch wordt ze steeds dikker en uiteindelijk ook steeds zieker; ze krijgt...

Henk kon zijn diabetes 2 stoppen

Henk (68) maakt verschrikkelijke dingen mee in zijn leven, waardoor hij maar bleef eten en alsmaar dikker werd. Ruim 20 jaar geleden kreeg hij diabetes 2 en hij werd steeds zieker en vermoeider. Afvalpogingen mislukten steeds, omdat hij zich dan nog slechter ging...

Dit artikel heb ik geschreven samen met Lara Schalk. Heb je nog vragen na het lezen van deze informatie? Stuur me even een bericht.
Matty Barnhoorn
TheNewFood 
Verpleegkundige Lara Schalk Wie is Lara Schalk? Lara Schalk is verpleegkundige bij TheNewFood. Lara combineert haar schat aan kennis over gezonde koolhydraatarme/keto 
voeding met haar medische achtergrond. Voor TheNewFood schrijft zij onder meer artikelen en adviseert en begeleidt zij mensen bij deze aanpak.
Ook één op één. Kijk hier voor de mogelijkheden, of
 stuur Lara een bericht.

 

BOEKEN Koolhydraatarm/keto eten 

Succesvolle praktische aanpak met makkelijke koolhydraatarme/KETO menu’s en heerlijke recepten voor elke dag.

Delen
“Anders eten redde mijn leven”

“Anders eten redde mijn leven”

 

UPDATE 
In de Telegraaf (bijlage Vrouw) stond een uitgebreide reportage over Delia, waarin ze vertelt hoe ze haar leven terugkreeg door anders te gaan eten met de aanpak van TheNewFood. 

Delia (1965) kreeg in 2013 een hartaanval en moest met spoed worden opgenomen in het ziekenhuis. Ze bleek toen al ernstig diabetes type 2 te hebben met een HbA1c van 147. Steeds meer gezondheidsproblemen volgden. Ze moest afvallen van haar artsen, maar dat lukte maar niet. Gelukkig ontdekte ze de TheNewFood. Met deze aanpak lukte het haar wel om af te vallen, en van haar diabetes type 2 af te komen.

 

Je bleek dus al langer diabetes type 2 te hebben?

“Ja! Natuurlijk schrok ik hier enorm van; ik had het niet zien aankomen. Het is heel veel, wat er dan allemaal gebeurt. Ik moest meteen aan de medicatie natuurlijk, ik kreeg metformine, gliclazide en cholesterolverlagers. Ik heb zelfs een periode insuline gespoten.

Ik heb ook nooit geweten dat je door diabetes een hartaanval kunt krijgen. Maar dat schijnt dus regelmatig voor te komen. Het bleef maar door mijn hoofd spoken dat me dit was overkomen, terwijl ik dacht meestal wel gezond te eten. Ik heb ook altijd veel aan beweging en sport gedaan.”

Je werd steeds dikker?

Helaas werd ik steeds dikker en ik kreeg te horen dat ik af moest vallen. Ik wilde er alles aan doen om weer gezond te worden, dus heb ik allerlei diëten geprobeerd. Uiteindelijk at ik bijna alleen maar rauwkost… En toch bleef ik aankomen! Ik weet nu dat het waarschijnlijk door de medicatie kwam, maar toen was ik ten einde raad.

Ik had ook de STARTGIDS van TheNewFood in huis gehaald. Deze had ik goed doorgelezen, maar vervolgens weer terug in de kast gelegd: ik durfde het niet aan. Ik zou allemaal dingen moeten eten die me ten strengste waren afgeraden. Die vetten waren immers niet gezond…  Ik wilde naar een diëtiste.”

Wat was het advies van de diëtiste?

“Toen ik uiteindelijk bij de diëtiste kwam, bleek dat ze bekend was met een koolhydraatarme/keto aanpak. Ze vertelde me dingen die me erg bekend voorkwamen: ik herkende dit vanuit de STARTGIDS. Ik vertelde haar dat en ze vroeg me het boek mee te nemen.

Zo gezegd, zo gedaan… Ik nam de startgids mee naar de volgende afspraak. Ze was blij verrast en stond volledig achter de aanpak, ze gaf zelfs aan me hierbij te willen begeleiden. Ik ben de volgende dag direct begonnen met de weekmenu’s en die begeleiding was niet nodig.”

Werkte je arts mee?

“Ik kreeg toestemming van mijn internist om de bloedsuikerverlagende medicatie al direct te laten staan. Dat ging meteen heel goed! Ik kreeg zelfs te lage waardes en wist niet zo goed wat ik moest, want dit was ik niet gewend… Ik heb toen mijn huisarts gebeld. De doktersassistente gaf aan, dat ik een boterham moest eten om mijn bloedsuiker weer omhoog te krijgen. Uiteindelijk at ik een koolhydraatarme boterham.

Geen ‘gewone’ boterham, want ik had eindelijk een manier gevonden om mijn bloedsuiker lager te krijgen en ik was vastbesloten nooit meer  koolhydraatrijk te eten! Na enkele dagen was mijn lijf gewend aan deze aanpak en ik begon me zekerder te voelen. Ik hield me strikt aan de weekmenu’s: die koolhydraatarme boterhammen waren nooit meer nodig!”

Je bloedsuiker verbeterde dus snel?

“Ja, ik had vanaf dag één eigenlijk al normale bloedsuikers. Toch merkte ik na een paar weken, dat mijn bloedsuikers weer wat gingen schommelen. Mijn diabetesverpleegkundige zei dat dit normaal was. Ik hoefde me helemaal geen zorgen te maken! Ik moest vooral doorgaan en volhouden. Dat was niet moeilijk, want ik voelde me fantastisch. Ik viel snel af en had er het volste vertrouwen in.”

Hoe bevalt het eten?

“Ik eet echt heerlijk! Nee, ik mis helemaal niets, het is zoveel lekkerder dan al dat magere en light eten. Ook zo fijn dat je nooit meer honger hebt. Het is allemaal makkelijk en er is zoveel keuze in de boeken. Naar mijn werk is het ook heel goed te doen. Ik neem de lekkerste dingen mee, soms laat ik collega’s proeven en dan zijn ze stomverbaasd!

Dat je zo lekker kunt eten en dan toch kunt afvallen en zoveel gezonder worden: dat kunnen ze bijna niet geloven. Zij zaten ook altijd op dat vetarm natuurlijk en dit is zo anders. Al heel wat collega’s zijn ook aan de boeken begonnen. Sommigen met het hele gezin en ze zijn allemaal al flink afgevallen.”

Gebruik je nu nog medicatie?

“We zijn nu een jaar verder. Mijn bloedsuikers zijn nu fantastisch: nuchter rond de 4.5 mmol/L en ook mijn HbA1c is normaal: 41. Niet alleen ben ik van de medicatie af, ook ben ik dertig kilo afgevallen. Eindelijk heb ik weer een gezond gewicht! Sporten gaat weer goed en ik voel me een compleet ander mens, vrolijker en energieker.

Mijn specialist zei laatst nog: Ik weet niet wat je aan het doen bent, maar ga vooral zo door!”

“Ik ben inmiddels ook gestopt met de cholesterolverlagers. Dat heeft wel even geduurd. Ik had veel bijwerkingen, maar durfde eigenlijk niet te stoppen vanwege mijn hartproblemen. Maar mijn waardes waren wel al verbeterd door het koolhydraatarme/keto eten. Uiteindelijk zei de huisarts dat ik wel een poosje kon stoppen, om te kijken hoe dat zou gaan. Toen heb ik de stoute schoenen aangetrokken en heb ik dat dus gedaan. En het gaat goed! De bijwerkingen zijn verdwenen.”

Wat wil je anderen meegeven?

“Ik begrijp dat het voor anderen soms onwerkelijk lijkt, maar heb vertrouwen in deze aanpak. Ik ben er een levend bewijs van, hoe goed deze aanpak werkt! Laat je niet uit het veld slaan door eventuele tegenslagen, maar ga door! Uiteindelijk kan jij ook bereiken wat ik heb bereikt…

Ik ben nu zó gelukkig. Ik kan mezelf nu ex-diabeet noemen en ik ben weer helemaal gezond! Dat gun ik iedereen! Het enige waar ik spijt van heb, is dat ik hier niet veel eerder mee ben begonnen. Want dat had me veel ellende kunnen besparen. Dus ga ervoor! En niet een beetje halfhalf, maar voor honderd procent, je bent het waard!”

 

 

Wil jij ook jouw ervaring met deze aanpak delen? Laat het ons weten! Wij nemen persoonlijk contact met je op voor een interview. Laten we nog meer mensen inspireren om anders te gaan eten en weer slanker, energieker en gezonder te worden!  

Delen
Diabetes 2 geen ziekte maar een soort allergie!

Diabetes 2 geen ziekte maar een soort allergie!

Ik heb een belangrijke vraag aan je: stel je wordt levensgevaarlijk ziek van pinda’s en je kunt dan alleen gered worden door medicijnen. Je hebt dus een pinda-allergie. Wat doe je dan? Ga je dan toch pinda’s eten? Welnee, dan eet je geen pinda’s natuurlijk! Logisch toch? 

Ik heb nog een belangrijke vraag: stel je wordt levensgevaarlijk ziek van het eten van koolhydraten en je kunt dan alleen gered worden door medicijnen. Je hebt dus diabetes type 2 (ofwel suikerziekte). Wat doe je dan? Ga je dan toch koolhydraten eten?  Welnee, dan eet je geen koolhydraten natuurlijk! Logisch toch?

Een simpele vraag en het antwoord is eigenlijk ook heel simpel. Alleen, dit is niet wat we doen. Want mensen met diabetes type 2 eten gewoon koolhydraten. En moeten dan een paar keer per dag pillen nemen of medicatie in zichzelf spuiten om die koolhydraten er weer uit te halen zodat ze in leven blijven. Dat is toch niet logisch?

ALS BEPAALD ETEN JE ZIEK MAAKT MOET JE HET NIET ETEN
Mensen met diabetes type 2 worden ziek van (teveel) koolhydraten, omdat hun lijf er niet goed mee kan omgaan. Wanneer bepaald eten je ziek maakt dan moet je dat niet meer eten. En precies op die manier kun je dus heel makkelijk diabetes 2 terugdraaien. En genezen!

Toch wordt koolhydraatarm/keto eten gezien als een soort wondermiddel. Of iets ‘nieuws’. Of ‘gevaarlijks’. Maar dat is het allemaal niet; het is niets anders dan het wegnemen van de oorzaak van de ziekte. Net als geen pinda’s eten als je daar levensgevaarlijk ziek van wordt.

WAT GEBEURT ER NORMAAL ALS JE DOKTER DIABETES TYPE 2 CONSTATEERT?
Wanneer je diabetes type 2 blijkt te hebben, dus wanneer jouw lijf niet goed met koolhydraten om kan gaan waardoor je bloedsuikers verhoogd blijven, dan schrijft je huisarts je pillen of spuiten voor. Die pillen en spuiten moeten de koolhydraten die je hebt gegeten, uit je bloed halen, omdat je lijf dat zelf niet meer kan of wil, waardoor je ziek wordt.

KUNNEN PILLEN EN SPUITEN DIABETES TYPE 2 GENEZEN?
Nee. Het is een doekje voor het bloeden. Pillen en spuiten kunnen de koolhydraten (die allemaal worden omgezet in suiker) uit je bloed vissen, maar ze kunnen er niet voor zorgen dat die suiker wegblijft uit je bloed. Want steeds als je koolhydraten eet, komt er weer een nieuwe lading suiker in je bloed.

Je lichaam wil deze oplossing met pillen en spuiten ook helemaal niet. Want in de loop van de jaren heb je steeds meer pillen en spuiten nodig om die suikers uit je bloed te halen. Je wordt nooit meer beter, je wordt alleen maar zieker en zieker.

KAN KOOLHYDRATEN LATEN STAAN DIABETES TYPE 2 WEL GENEZEN?
Ja! Simpelweg: als je lijf niet kan omgaan met zoveel koolhydraten dan stop je met eten wat je ziek maakt. Net als bij een pinda-allergie. Het resultaat: je hebt geen medicatie (meer) nodig. En je bent niet meer ziek. Logisch toch?

IS KOOLHYDRAATARM ETEN OM DIABETES 2 TE STOPPEN NIEUW?
In 1917 wisten ze dit allemaal al. Dat was voordat er pillen en spuiten kwamen die mensen uiteindelijk eigenlijk alleen maar zieker maakten. In 1917 kregen mensen met diabetes 2 het advies om koolhydraten te schrappen uit hun menu. Een strikt koolhydraatarme/keto aanpak dus. 

Artsen adviseerden toen dus om de oorzaak weg te nemen. Terwijl ze nu vooral bezig zijn om de gevolgen te behandelen. Omdat artsen tegenwoordig de oorzaak niet wegnemen, kunnen ze mensen niet genezen van diabetes 2. Daarom zeggen ze tegen hun patiënten: je wordt nooit meer beter. Is dat eigenlijk niet heel raar? 

EEN EEUWENOUD RECEPT!
Zie hier het ‘bewijs’ dat deze simpele oplossing al eeuwenoud is!

Hiernaast een meer dan 100 jaar oud recept voor kaassoufflé! Deze foto komt uit een kookboekje voor diabeten uit 1917. Via deze link kun je het hele kookboek bekijken.

Wil jij ook de oorzaak van diabetes type 2 aanpakken?

Als je nu denkt: ik wil niet meer ziek zijn, ik wil geen pillen en spuiten meer en uiteindelijk steeds zieker worden. Dan nodig ik je uit om het anders aan te pakken. Op de ouderwetse manier! Op ‘onze manier’. Al binnen een dag zakken je bloedsuikers! De meeste mensen kunnen al binnen enkele weken helemaal stoppen met insuline en bloedsuikerverlagende pillen.

Ex-diabeet Marcel: “ “Het is toch ook bijna niet te bevatten. Je ziet je ochtendwaardes zakken naar 5 of 6 en je denkt klopt dit wel? In het begin heb ik vaak opnieuw gemeten, omdat ik dacht dat er iets met de meting niet goed was gegaan!” (lees hier het verhaal van Marcel) 

BLOEDDRUK EN CHOLESTEROL verbeteren ook heel snel. Medicatie kan vaak al binnen enkele maanden helemaal worden afgebouwd.

Hoe kunnen wij jou helpen?

Informatie & stappenplan Wil je starten met een koolhydraatarme/keto aanpak om zo snel mogelijk van je diabetes type 2 af te komen? Op deze pagina vind je een stappenplan. Je kunt daarmee direct aan de slag gaan.

Persoonlijke hulp Wij kunnen je ook persoonlijk helpen als je het liever niet in je eentje doet (maar een groep niet prettig vindt); want dat is best spannend en misschien ben je er wat onzeker over. Verpleegkundige Lara Schalk kan je 2 maanden begeleiden voor een speciale lage prijs. Hier vind je meer informatie over persoonlijke begeleiding bij diabetes 2 omkeren.

Steeds meer zorgprofessionals komen tot inkeer!

Gelukkig komen er steeds meer zorgprofessionals die het anders aanpakken. Zij richten zich wel op gezonde koolhydraatarme/keto voeding, als belangrijk onderdeel van de behandeling en ter preventie van gezondheidsproblemen. We zijn enorm blij met deze professionals! Hier vind je een aantal van deze zorgprofessionals.

Verder lezen

Femke stopt haar diabetes

Femke (1988) heeft al haar hele leven CF (taaislijmziekte). Op haar 15de komt daar diabetes bij, als gevolg van de CF. Ondanks de insuline krijgt ze haar bloedsuikers niet onder controle. De vele hypers en hypo's beheersen haar doen en laten. Femke wil zo niet verder...

Manja heeft spijt van haar maagverkleining

Manja (45) is getrouwd, heeft 3 kinderen en is als verpleegkundige werkzaam in het Tyltylonderwijs. Als kind was ze al 'een dikkertje' en als tiener was ze al regelmatig streng aan de lijn. Toch wordt ze steeds dikker en uiteindelijk ook steeds zieker; ze krijgt...

Henk kon zijn diabetes 2 stoppen

Henk (68) maakt verschrikkelijke dingen mee in zijn leven, waardoor hij maar bleef eten en alsmaar dikker werd. Ruim 20 jaar geleden kreeg hij diabetes 2 en hij werd steeds zieker en vermoeider. Afvalpogingen mislukten steeds, omdat hij zich dan nog slechter ging...

Bertha (74): na 30 jaar insulinevrij

Bertha (74) heeft al 30 jaar diabetes 2, waarvoor heel veel insuline spuit. De laatste jaren zien haar kinderen haar steeds zieker en depressiever worden. Ze maken zich veel zorgen. Uiteindelijk lukt het schoondochter Saskia om Bertha te overtuigen met de startgids te...

Laura weigert insuline en kiest keto

Toen Laura (53) in 2020 diabetes 2 bleek te hebben, weigerde ze insuline. Ze besloot te starten met strikt koolhydraatarm/keto eten. Haar bloedsuikerwaardes daalden direct en een half jaar later zijn haar bloedsuikerwaardes weer normaal. Ze voelt zich inmiddels heel...

Gertie (62) stopt diabetes 2

Gertie (62) had al jarenlang diabetes 2, hoge bloeddruk, overgewicht, reuma en nog meer gezondheidsproblemen. Ze had elke dag pijn. Haar bloedsuikers werden steeds hoger en ze zou eigenlijk alweer meer medicatie moeten gebruiken. Maar Gertie besloot het heft in eigen...

Jolanda van diabetes 2 medicatie af

Het was geen verrassing voor Jolanda dat ze diabetes 2 kreeg want het zat in de familie, maar Jolanda vond het wel zwaar. Ze werd ook steeds zieker. Haar moeder lukte het om door anders te eten van de medicatie af te komen en dat wilde Jolanda ook. Maar dan op haar...

Van alle medicatie en klachten af

35 jaar was Vanessa Ritzky (nu 47) toen ze diabetes 2 bleek te hebben. Ze had toen al veel andere gezondheidsproblemen. Van de eetadviezen van de diëtiste werd ze niet beter. In de loop van de tijd gaat het steeds slechter met Vanessa. Pas jaren later ontdekt ze...

Albert (69) versloeg diabetes 2

In 2015 kreeg Albert (69) te horen dat hij diabetes type 2 had. Met een pakket medicijnen mocht hij weer naar huis: hij moest direct dagelijks meerdere keren insuline spuiten. Ook moest hij pillen slikken tegen een hoge bloeddruk en voor zijn cholesterol. Als Albert...

Jolanda (49) had te hoge bloedsuikers

Vijf jaar geleden kreeg Jolanda (49) te horen dat haar bloedsuikers te hoog zijn en ze tegen diabetes 2 aanzat. Ze was toen ook veel te zwaar en had veel lichamelijke klachten. Ze startte met de koolhydraatarme/keto aanpak, viel 28 kilo af, voelt zich weer fit en...

Dit artikel heb ik geschreven samen met Lara Schalk. Heb je nog vragen na het lezen van deze informatie? Stuur me even een bericht.
Matty Barnhoorn
TheNewFood 
Verpleegkundige Lara Schalk Wie is Lara Schalk? Lara Schalk is verpleegkundige bij TheNewFood. Lara combineert haar schat aan kennis over gezonde koolhydraatarme/keto 
voeding met haar medische achtergrond. Voor TheNewFood schrijft zij onder meer artikelen en adviseert en begeleidt zij mensen bij deze aanpak.
Ook één op één. Kijk hier voor de mogelijkheden, of
 stuur Lara een bericht.

 

BOEKEN Koolhydraatarm/keto eten 

Succesvolle praktische aanpak met makkelijke koolhydraatarme/KETO menu's en heerlijke recepten voor elke dag.

Delen
Wijkverpleegster Annette (51) is nu een ‘blije ex-diabeet’

Wijkverpleegster Annette (51) is nu een ‘blije ex-diabeet’

Annette had als wijkverpleegster vaak te maken met mensen die moesten spuiten in verband met diabetes. Mensen die steeds meer medicatie nodig hadden en allerlei nare complicaties kregen. Ze schrok dan ook enorm toen ze hoorde dat ze zelf diabetes 2 bleek te hebben en al snel ook insuline moest gaan gebruiken. In de vijf jaar die daarop volgden, moest ze steeds meer medicatie gebruiken en werd ze alsmaar zieker, ze kon niet meer goed functioneren. Tot de overstap naar koolhydraatarm eten haar leven veranderde. In november 2017 vertelde Annette ons haar verhaal.

Totaal onverwacht diabetes 2

“Mijn beide ouders hebben diabetes 2, dus ik wist dat de kans groot was dat ik het ook zou krijgen. En toch had ik het toen zeker nog niet verwacht.” Annette is 44 jaar wanneer bij een urinecontrole toevallig wordt ontdekt dat ze diabetes 2 heeft. Haar nuchtere bloedsuiker is dan 17.

Ze moet meteen starten met Metformine en later ook Gliclazide. “Ik voelde me moe, labiel, lamlendig, dus ik dacht: kom maar op met die pillen, dan gaat het tenminste weer beter met me.” Maar het gaat niet beter, zelfs niet als er pillen bijkomen. Als bijwerking van de medicatie krijgt ze last van hoofdpijn, spierpijn, diarree en buikkrampen.

“Ik leek wel een oude vrouw”

Annette krijgt ook standaard een cholesterolverlager voorgeschreven. “Ik kreeg er enorme spierkrampen van en werd zo stijf als een deur. Ik leek wel een oude vrouw als ik ‘s morgens uit bed moest. Het werken werd steeds moeilijker, vooral tijdens de ochtenddiensten.”

Ze ging op zoek naar informatie over cholesterolverlagers en ontdekte dat ze zeer omstreden zijn, mede vanwege de bijwerkingen. “Er is niet eens overtuigend bewijs dat die statines je risico op hart- en vaatziekten verlagen!” Annette besloot te stoppen met de medicatie en vrijwel direct verdwenen de spierpijnklachten.

Ontstekingen en blessures

Ondertussen wordt ze steeds zieker door de diabetes. Sporten lukt niet meer vanwege haar blessuregevoeligheid. Ze krijgt last van allerlei ontstekingen. “Ik moest mijn leefstijl verbeteren, werd er gezegd. Maar hoe dan? Daar kreeg ik weinig inhoudelijke informatie over tijdens de korte bezoekjes aan mijn diabetesverpleegkundige. In tien minuten stond ik weer buiten.“

Verplicht mager diabetes dieet

Ze voelt zich steeds zo teleurgesteld in zichzelf als ze alweer zwaarder blijkt te zijn en de Hb1Ac nog niet gedaald is. Toch houdt ze zich trouw aan de voorschriften en volgt ze via de diëtiste een speciaal diabetes-dieet. “Alles mager en met veel koolhydraten. Niets hielp. Ik werd steeds moedelozer. Hoe hard ik ook mijn best deed, ik voelde me niet beter.”

Honderd eenheden insuline per dag

Na een jaar moet ze beginnen met insuline spuiten. “Ik had het maximaal aantal pillen bereikt. Heel eventjes leek het beter te gaan met insuline. Maar als ik wat hoger zat met mijn gemiddelde bloedsuiker dan kwamen er steeds een paar eenheden insuline bij. Als ik een keer iets wilde vieren met een stukje vlaai dan was het advies: spuit er maar een beetje bij.”

Ondanks de insuline voelt ze zich steeds slechter. “Ik was pas 51, maar aan het overleven in plaats van te leven. Dit wilde ik niet, ik dacht: dit moet toch ook anders kunnen? Ik ging op zoek naar een andere aanpak.“

Koolhydraatarm; een andere aanpak

Op internet leest ze over koolhydraatarm eten bij diabetes. Ze besluit het te proberen en gaat stap voor stap minder koolhydraten eten, en meer groentes, gezonde vetten en eiwitten. “Ik voelde me al snel steeds beter, kreeg weer zin om dingen te ondernemen. Mijn medicatie werd afgebouwd, ik ging van honderd eenheden per dag naar minder dan de helft. Mijn internist en diabetesverpleegkundige waren stomverbaasd over de resultaten! In het begin waren ze nogal sceptisch over mijn plan om anders te gaan eten. Dat houd je toch niet vol, zeiden ze. Maar nu zagen ze dat het écht werkte!”

Binnen twee weken insulinevrij met de STARTGIDS

Het lukt haar om haar bloedsuikers te verlagen, maar ook na een jaar koolhydraatarm eten is ze nog niet insulinevrij. ”Ik dacht dat het niet beter zou worden, maar eigenwijs als ik was ging ik verder zoeken. Zo ontdekte ik TheNewFood.“ Annette start met de weekmenu’s uit de STARTGIDS en is binnen 2 weken van alle insuline af. “Had ik die gids maar eerder ontdekt, dan had ik het meteen anders aangepakt.”

Vijftien kilo afgevallen

Inmiddels is het haar ook gelukt om de vijftien kilo af te vallen die ze was aangekomen in de afgelopen jaren door de medicatie. Annette kijkt nu heel anders tegen diabetes 2 aan dan vroeger. “Nu weet ik dat je diabetes niet kan genezen met medicatie, je kunt alleen de symptomen proberen te bestrijden. Met een gezond koolhydraatarm/keto-menu kun je je diabetes wel omkeren en een blije ex-diabeet worden. Ik barst weer van de energie en heb vertrouwen in een gezonde toekomst.”

Gaat ze deze manier van eten volhouden?

“Ja natuurlijk, ik voel me zóveel beter nu. Ik eet heerlijk, het is veel smaakvoller dan die magere troep van vroeger. En ik ben altijd verzadigd, dat is zo’n fijn gevoel! Ik weet zeker dat ik nooit meer anders wil eten.”

Annette heeft al veel mensen om haar heen aangestoken met haar nieuwe manier van eten. “Ze zien hoe goed het met mij gaat, dat ik weer straal en bergen energie heb. Dat inspireert ook anderen merk ik.”  Ze hoopt in de toekomst meer mensen met diabetes 2 te kunnen helpen!

 

UPDATE TWEE JAAR LATER

Hoe gaat het nu met Annette?
“Het gaat echt supergoed met mij! Ook met mijn gezondheid. Ik krijg nog steeds complimenten van mensen dat ik er goed ik eruit zie, zoveel slanker en energieker! Grappig want het is toch alweer even geleden dat ik zoveel ben afgevallen, maar het blijft mensen opvallen.”

Is ze alweer aan het werk?
“Inmiddels ben ik weer aan het werk en dat gaat heel goed. Ik kijk er nu wel met andere ogen naar. In mijn werk zie ik veel zieke mensen en ik vertel nu vaak over een gezondere manier van eten. Ik gun iedereen de energie die ik nu weer heb. En weer het weer gezonder worden. Ik kan het laten zien, maar je weet pas hoe goed je je kunt voelen als je het zelf ervaart, zeg ik dan. Dat motiveert, want steeds meer mensen beginnen ermee, met geweldige resultaten! En dat geeft mij ook weer energie.”

Is deze manier van eten te combineren met haar werk?
“Het is een kwestie van plannen en je kunt ook kiezen voor hele snelle gerechten. Ik ontdek nog steeds nieuwe heerlijke recepten in de boekjes en sta weer met veel plezier in de keuken. Het is wel een periode minder geweest, maar nu heb ik er weer echt lol in! Ik eet elke dag heerlijk!”

Maak ze zich zorgen als ze soms negatieve berichten hoort over koolhydraatarm/keto eten?
“Nee, absoluut niet! Ik weet wat deze aanpak doet met mijn lijf. Ik was doodziek toen ik hiermee begon en nu ben ik gezonder dan ooit. Ik eet vers, puur, onbewerkt. Hoe kan iemand beweren dat dit niet een gezonde aanpak is? Misschien hebben die mensen stiekem andere belangen. Dat ze liever niet hebben dat mensen allemaal gezonder worden en straks geen medicatie meer nodig hebben.”

Wil jij ook jouw ervaring met deze aanpak delen? Laat het ons weten! Wij nemen persoonlijk contact met je op voor een interview. Laten we nog meer mensen inspireren om anders te gaan eten en weer slanker, energieker en gezonder te worden!  

Delen
Kies de juist brandstof voor jouw lijf

Kies de juist brandstof voor jouw lijf

Vraag ik aan je welke brandstof je tankt bij het tankstation dan ligt het antwoord voor de hand; het hangt ervan af of je een benzine of een dieselmotor hebt! Al komt het volgens de ANWB regelmatig voor dat mensen verkeerd tanken, vooral politieagenten schijnen daar erg goed in te zijn! Die hebben het blijkbaar zo druk met verdachte omstandigheden opmerken dat het soort te tanken brandstof ze ontgaat.

Een gokje wagen

Weet je echt niet wat je moet tanken en is er niemand in de buurt die dat wel weet, dan moet je misschien gewoon een gokje wagen.  Gok je benzine en gaat je auto stuk dan was diesel een betere keuze geweest. Een simpel, maar heftig gevalletje voortschrijdend inzicht.

Wij mensen moeten ook regelmatig tanken om het vuur brandend te houden, maar welke brandstof past bij onze motor? De meningen zijn hier momenteel over verdeeld. Eigenlijk best bijzonder, want vroeger wisten we precies wat goed voor ons was. Dat wisten onze voorouders van nature, net als andere diersoorten precies weten wat goed voor ze is. Ook zonder bemoeienissen van een voedingscentrum.

En heel ingewikkeld kan het ook niet zijn zou je zeggen, er zijn in dit geval immers maar twee brandstofopties waar we uit kunnen kiezen: koolhydraten of vetten. Weet je echt niet welke brandstof  je moet eten dan kun je ook hier één van de twee proberen en kijken wat er gebeurt.

Verkeerd gegokt!

Ergens in de vorige eeuw besloot ‘men’ zo’n  gokje te wagen en in te zetten op koolhydraten. Op goed geluk. Nou ja, dat kwam eigenlijk door een frauderende wetenschapper waardoor ze dachten dat dat de beste keus was!

We zijn toen massaal koolhydraten gaan eten en vet ging in de ban. En wat was het resultaat? We werden ziek en dik, en nog zieker en dikker. Een conclusie lijkt me voor de hand liggen; het was precies de verkeerde keuze! Steeds meer wetenschappers, artsen en diëtistes delen deze conclusie.

Gelukkig is het nog niet te laat!

De juiste keuze was ‘vetten’ geweest. Toch jammer! Het goede nieuws is; als je jaren achter elkaar foute brandstof in je auto tankt is de schade onherstelbaar, maar bij ons mensen lijkt dat niet het geval. Want wie nu alsnog overschakelt op vetten als brandstof wordt overwegend slanker en gezonder en blijft dat ook.

Type 2 diabeten kunnen vrijwel altijd al vanaf dag twee hun medicatie afbouwen en uiteindelijk diabetes 2 zelfs helemaal omkeren en zonder medicatie verder. Om maar iets te noemen.

 

vettenDe vette werkelijkheid
Laten we met z’n allen besluiten dat het mooi geweest is. Het is jammer dat men ‘ooit’ blijkbaar de verkeerde keuze heeft gemaakt, maar dat kan de beste gebeuren. Dat toegeven is lastig, maar het wordt wel tijd om met z’n allen de werkelijkheid onder ogen te zien:  Namelijk dat we stuk gaan van heel veel koolhydraten eten en dat vetten eten wél goed is voor je lijf!

 

 

Nieuwsgierig naar hoe je dat aanpakt? Maak gebruik van de startgids en ervaar al binnen een paar dagen hoeveel beter je je voelt wanneer je de juiste brandstof tankt! Word ook een super vetverbrander! 

VERDER LEZEN 

Huisarts adviseert koolhydraatarm/keto menu

De patiënten van huisartsenpraktijk de Zwolse Tulp hebben het getroffen. Dete Hollemans is geen huisarts die vooral inzet op medicatie, maar op het verbeteren van de gezondheid door een andere leefstijl. Met gezonde koolhydraatarme voeding volgens de STARTGIDS als...

Bert fietst beter dan ooit na schrappen koolhydraten

Bert van Doorn (64) is altijd al een fanatiek fietser geweest; hij traint veel en maakt lange tochten van soms honderden kilometers. De laatste jaren ging het niet zo goed met hem. Hij kreeg gezondheidsklachten en het fietsen ging niet meer zo goed. Sinds maart 2016...

BLOG 14 Marloes bakt keto

Welkom bij mijn persoonlijke blog, over keto vasthouden in een niet-keto-wereld! Ik ben het koolhydratenmonster en ik heb eindelijk mijn eigen podium gekregen. Dat werd hoog tijd natuurlijk. Want ik ben goed in mijn werk en dat mag iedereen weten. Ik laat je zien hoe...

Verslaafd aan brood, koekjes en chips?

Een leven zonder pasta, brood, chips, koekjes, pizza en andere koolhydraten is voor veel mensen ondenkbaar. En dat terwijl juist die producten de oorzaak zijn van zoveel klachten: schommelende energie, hongergevoel, overgewicht, vermoeidheid en andere...

BLOG 13 De feestelijke lunch

'Welkom bij mijn persoonlijke blog, over keto vasthouden in een niet-keto-wereld! Ik ben het koolhydratenmonster en ik heb eindelijk mijn eigen podium gekregen. Dat werd hoog tijd natuurlijk. Want ik ben goed in mijn werk en dat mag iedereen weten. Ik laat je zien hoe...

BLOG 38 Gezonde relatie met eten

Verpleegkundige en keto-expert Lara Schalk eet zelf sinds 2016 koolhydraatarm/keto. Ze viel niet alleen ruim 35 kilo af, ze had direct minder immuun- en darmproblemen en voelde zich al snel energieker en vrolijker. Op 1 maart 2023 werd ze moeder van Joep, die...

BLOG 12 Wie ben ik eigenlijk?

'Welkom bij mijn persoonlijke blog, over keto vasthouden in een niet-keto-wereld! Ik ben het koolhydratenmonster en ik heb eindelijk mijn eigen podium gekregen. Dat werd hoog tijd natuurlijk. Want ik ben goed in mijn werk en dat mag iedereen weten. Ik laat je zien hoe...

BLOG 31 Keto of Pillen?

Toen Matty Barnhoorn (1962), oprichter van TheNewFood, in 2001 strikt koolhydraatarm/keto ging eten veranderde dat haar leven compleet. Van altijd honger, naar eetrust en verzadiging. Van altijd aan de lijn, naar altijd op gewicht. Van allerlei gezondheidsproblemen,...

BLOG 30: OPSTAND OP DIERENDAG

Toen Matty Barnhoorn (1962), oprichter van TheNewFood, in 2001 strikt koolhydraatarm/keto ging eten veranderde dat haar leven compleet. Van altijd honger, naar eetrust en verzadiging. Van altijd aan de lijn, naar altijd op gewicht. Van allerlei gezondheidsproblemen,...

BLOG 29: DE VERKEERDE BRANDSTOF

Toen Matty Barnhoorn (1962), oprichter van TheNewFood, in 2001 strikt koolhydraatarm/keto ging eten veranderde dat haar leven compleet. Van altijd honger, naar eetrust en verzadiging. Van altijd aan de lijn, naar altijd op gewicht. Van allerlei gezondheidsproblemen,...

BLOG 11: Marianne kon niet anders

Welkom bij mijn persoonlijke blog, over keto vasthouden in een niet-keto-wereld! Ik ben het koolhydratenmonster en ik heb eindelijk mijn eigen podium gekregen. Dat werd hoog tijd natuurlijk. Want ik ben goed in mijn werk en dat mag iedereen weten. Ik laat je zien hoe...

BLOG 10: Vacature praatjesmaker

Welkom bij mijn persoonlijke blog! Ik ben het koolhydratenmonster en ik heb eindelijk mijn eigen podium gekregen. Dat werd hoog tijd natuurlijk. Want ik ben goed in mijn werk en dat mag iedereen weten. Ik laat je zien hoe ik mensen verleid en hoe ik ze onderuithaal. ...

BLOG 37 Eerst vet, dan vitamientjes

Verpleegkundige en keto-expert Lara Schalk eet zelf sinds 2016 koolhydraatarm/keto. Ze viel niet alleen ruim 35 kilo af, ze had direct minder immuun- en darmproblemen en voelde zich al snel energieker en vrolijker. Op 1 maart 2023 werd ze moeder van Joep, die...

Blog 36 Joeps peuterbrein op keto

Verpleegkundige en keto-expert Lara Schalk eet zelf sinds 2016 koolhydraatarm/keto. Ze viel niet alleen ruim 35 kilo af, ze had direct minder immuun- en darmproblemen en voelde zich al snel energieker en vrolijker. Op 1 maart 2023 werd ze moeder van Joep, die...

Dit artikel heb ik geschreven samen met Lara Schalk. Heb je nog vragen na het lezen van deze informatie? 
Stuur me even een bericht.

Matty Barnhoorn  TheNewFood 

Wie is Lara Schalk?
Lara Schalk is verpleegkundige bij TheNewFood. Lara combineert haar medische achtergrond met haar schat aan kennis over gezonde koolhydraatarme/keto voeding. Ze schrijft onder andere artikelen voor de site en adviseert en begeleidt bij deze aanpak, ook één op één. Kijk hier voor de mogelijkheden. Stuur Lara een bericht.

BOEKEN Koolhydraatarm/keto eten 

Succesvolle praktische aanpak met makkelijke koolhydraatarme/KETO menu’s en heerlijke recepten voor elke dag.

Delen
Parkinsonpatiënt gebaat bij keto aanpak

Parkinsonpatiënt gebaat bij keto aanpak

Kan een aangepast dieet helpen bij de ziekte van Parkinson? Uit meerdere onderzoeken blijkt dat dit wel eens zo zou kunnen zijn. Uit onderzoeken naar een keto aanpak bij Parkinson-symptomen blijkt dat de resultaten veelbelovend zijn.

Wat is Parkinson precies?

Bij de ziekte van Parkinson maakt het brein steeds minder dopamine aan door het afsterven van dopamineproducerende zenuwcellen in een specifiek gebied van de hersenen: de zwarte kernen (substantia nigra). Door dit tekort kun je last krijgen van trillingen, stijfheid en langzamer  bewegen. De ziekte kan genetisch zijn, maar kan ook veroorzaakt worden door een virus, zo schrijft de American Academy of Neurology.

Op dit moment is er nog geen behandeling om van Parkinson te genezen, er is alleen een beperkt aantal medicijnen om de symptomen te verminderen. Wanneer wordt gestart met een keto aanpak worden echter opmerkelijke resultaten gezien, ook bij ons in de praktijk!

Hoe kan keto zo’n positieve invloed hebben?

Normaal gesproken haalt het brein voornamelijk energie uit glucose, maar die opname werkt niet altijd goed. Door over te stappen op een keto aanpak zorg je ervoor dat je ketonen gaat gebruiken als brandstof. Voor je hersenen is dit een veel efficiëntere brandstof. Een strikt keto aanpak wordt daarom al vijftig jaar ingezet bij moeilijk behandelbare epilepsie. 

Onderzoek met muizen

Chinese onderzoekers onderzochten het effect van een ketogeen dieet op muizen met vergelijkbare symptomen als die bij de ziekte van Parkinson en kwamen tot een interessante conclusie: “Het keto dieet kan een beschermende en ontstekingsremmende werking bieden voor neurodegeneratieve ziekten zoals de ziekte van Alzheimer, de ziekte van Parkinson (PD) en amyotrofische laterale sclerose.”

De ketonen die aangemaakt worden bij een ketogeen dieet helpen antioxidanten aanmaken, die het teveel aan vrije radicalen opruimen, zo blijkt uit ander onderzoek. De onderzoekers denken daarom dat een koolhydraatarm dieet ook zou kunnen helpen bij de ziekte van Parkinson.

Onderzoek onder parkinsonpatiënten

Er is één kleinschalig onderzoek geweest onder Parkinsonpatiënten, met een veelbelovend resultaat: “Symptomen als trillen, evenwichtsproblemen, schommelende stemming- en energieniveaus, het ‘bevriezen’ van de benen tijdens het lopen en het lopen in het algemeen verbeterden… Ook verloor iedere deelnemers gemiddeld zo’n 6 kilo lichaamsgewicht”, aldus de onderzoekers.

Positief dus! Aan het onderzoek namen echter maar 7 mensen deel en het duurde maar 28 dagen. Dat levert geen overtuigend bewijs op. Uit eerder onderzoek voor epilepsie bleek echter al dat een keto dieet hetzelfde beschermende effect op de hersenen heeft.

Dus?

De verschillende onderzoeken op mensen en dieren laten zien dat een koolhydraatarm/keto menu een helende en beschermende werking op de hersenen kan hebben. Dat is veelbelovend voor mensen met de ziekte van Parkinson.

VERDER 
Onderstaand een video van Dokter Perlmutter over Parkinson en koolhydraatarm/keto

 

Dit artikel heb ik geschreven samen met Lara Schalk. Heb je nog vragen na het lezen van deze informatie? 
Stuur me even een bericht.

Matty Barnhoorn  TheNewFood 

Wie is Lara Schalk?
Lara Schalk is verpleegkundige bij TheNewFood. Lara combineert haar medische achtergrond met haar schat aan kennis over gezonde koolhydraatarme/keto voeding. Ze schrijft onder andere artikelen voor de site en adviseert en begeleidt bij deze aanpak, ook één op één. Kijk hier voor de mogelijkheden. Stuur Lara een bericht.

Delen
Zijn worst en witte sokken echt zo kankerverwekkend?

Zijn worst en witte sokken echt zo kankerverwekkend?

Dit artikel heb ik geschreven samen met Lara Schalk. Heb je nog vragen na het lezen van deze informatie? 
Stuur me even een bericht.

Matty Barnhoorn  TheNewFood 

Wie is Lara Schalk?
Lara Schalk is verpleegkundige bij TheNewFood. Lara combineert haar medische achtergrond met haar schat aan kennis over gezonde koolhydraatarme/keto voeding. Ze schrijft onder andere artikelen voor de site en adviseert en begeleidt bij deze aanpak, ook één op één. Kijk hier voor de mogelijkheden. Stuur Lara een bericht.

Delen
Koolhydraatarm koken met zuurkool en pompoen

Koolhydraatarm koken met zuurkool en pompoen

Lang geleden had ik verkering met een Fransman. Ik herinner me de fantastische bourgondische maaltijden bij hem thuis, die steevast begonnen met een salade vooraf. Vaak werd deze door le papa himself staande aan tafel bereid, met vanuit de losse hand gesneden witlof en een uitje. Aangemaakt met olie, azijn, peper en zout.

Ik moest daar laatst aan denken toen professor David Diamand vertelde dat de Fransen tot de dunste soort behoren. Zou die azijn vóór de maaltijd daar mee te maken hebben?

Azijn verlaagt bloedsuikers
Dat azijn kan helpen om gewicht te verliezen weten we al lang. Een Britse dichter Lord Byron, zou al 200 jaar geleden zijn koekjes en aardappelen drenken in azijn om gewicht te verliezen. Azijn tijdens of vóór het eten kan ervoor zorgen dat de bloedsuikers minder stijgen na het eten van koolhydraten. Daar zijn verschillende onderzoeken naar gedaan.

Uit een onderzoek in 2004 bij insulineresistente proefpersonen, bleek dat na een dosis azijn vóór het eten van een broodje met een glas sinaasappelsap de bloedsuikerspiegel 34% minder steeg dan zonder azijn. Ook in latere studies werd een vergelijkbaar effect gevonden; lagere bloedsuikers, minder insulinepieken.

Je maaltijd beginnen op z’n Frans, met een salade aangemaakt met olie en azijn, is zo gek dus nog niet.

Zuurkool net zo effectief als azijn
Geen zin in azijn? Niet alleen azijn maar ook veel andere gefermenteerde (gegiste) producten zoals zuurkool hebben een positieve invloed op de bloedsuikerspiegel. Zuurkool is bovendien erg goed voor je darmflora en levert waardevolle voedingsstoffen, er is dus alle reden om zuurkool vaker op het menu te zetten. Het past bovendien perfect in een koolhydraatarm voedingspatroon met zo’n 1 gram koolhydraten per 100 gram.

LCHF koken met zuurkool en pompoen
Omdat het herfst is, maar ook omdat het me een spannende zoetzure combinatie leek, ben ik aan de slag gegaan met pompoen en zuurkool. Geen ingewikkelde recepten, ik houd van makkelijk en snel koken, maar dan liefst wel heel lekker. En als het even kan meteen ook voor de lunch van morgen. De burgers zijn heerlijk bij de ovenschotel. Maar ze zijn ook koud erg lekker, dus heel geschikt om mee te nemen voor de lunch.

 

Zuurkoolburgers en ovenschotel met pompoenpuree

Zuurkool pompoen burgers Ovenschotel van zuurkool met pompoenpuree
burgers ovenschotel
14 burgers 2,5 gr koolhydraten per 2 stuks 6 porties 7,5 gr koolhydraten per portie
  • 200 gram bolpompoenvlees (zonder schil en zonder pitten)
  • 400 gram kruidenzuurkool, uitgelekt
  • 3 grote eieren
  • 30 gram psylliumvezels
  • 1 bosje bosui of 1 kleine zoete ui, gesnipperd
  • 1 theelepel gedroogde peterselie of 1 eetlepel verse gehakte peterselie
  • peper naar smaak
  • flinke scheut olijfolie om in te bakken


Bereiding:

  1. Meng eieren, psylliumvezels en kruiden heel goed door elkaar (keukenmachine is handig). Laat 10 minuten staan. Het wordt dan een dikkere massa.
  2. Rasp of hak de pompoen fijn en meng pompoen samen met de zuurkool en de gesnipperde ui door het eimengsel
  3. Kneed goed door elkaar en maak dan 14 gelijke bolletjes van het beslag
  4. Verhit de olijfolie in een koekenpan en bak hierin 7 bolletjes die je een beetje platdrukt. Bak ze om en om in ongeveer 10 minuten mooi goudbruin
  5. Bak zo ook de tweede helft van de burgers
  • 400 gram bolpompoen, in stukken (eventueel met schil en zonder pitten)
  • 400 gram bloemkool (een kleine bloemkool) in stukken of roosjes
  • 1 pakje kruidenzuurkool 500 gram
  • 500 gram gehakt naar keuze
  • flinke klont boter (ruim kwart pakje)
  • 200 gram belegen kaas, in plakken of vers geraspt
  • scheutje olijfolie
  • kerriepoeder naar smaak
  • paprikapoeder naar smaak
  • peper en zout naar smaak

Bereiding

  1. Snijd de pompoen door het midden (dit vraagt flink wat kracht, hakken kan ook) Verwijder de pitten. Weeg 400 gram pompoenvlees mét schil af. Hak in een paar stukken
  2. Maak de bloemkool schoon en verdeel in een paar stukken
  3. Breng bloemkool met pompoen aan de kook in een ruime pan met water
  4. Zet de oven aan op 200 graden
  5. Laat de kruidenzuurkool uitlekken in een vergiet (je kan eventueel de zuurkool wat afspoelen als je echt niet van zure bloemkool houdt, maar je verliest dan ook smaak)
  6. Bak ondertussen het gehakt rul in olijfolie en kruid naar eigen smaak. Als het gehakt begint te kleuren voeg dan de zuurkool toe en bak al omscheppend 5 minuten mee
  7. Pureer pompoen en bloemkool als deze gaar zijn met de roomboter en breng de puree eventueel op smaak met zout
  8. Schep het zuurkoolgehakt mengsel in een platte ovenschaal en verdeel de puree erover
  9. Verdeel hier de kaas over en zet de ovenschaal 20 minuten in de oven

TIP Dit gerecht is goed (in porties) in te vriezen

Eet smakelijk!

 

Ludwig: Verminderen van koolhydraten gouden greep

Delen
Word je dikker van vette kaas of van patat?

Word je dikker van vette kaas of van patat?

“Als je minder calorieën eet dan je verbruikt dan val je af” Nog steeds wordt deze theorie gebruikt om mensen van hun overgewicht af te helpen. Maar werkt deze calorieën benadering eigenlijk wel? en klopt de theorie: “een calorie is een calorie” wel? Of had Albert Einstein gelijk die zei; ‘Niet alles wat geteld kan worden telt’ en geldt dat ook voor een calorie?

De calorie theorie
Als je minder calorieën binnen krijgt dan je verbruikt dan val je af, zo simpel is het volgens de calorie theorie. Koolhydraten bevatten minder calorieën dan vetten. Vetten bevatten in verhouding veel calorieën, namelijk 9 kcal per gram vet tegenover 4 kcal per gram koolhydraten. Vanuit de calorie theorie wordt vetrijke voeding afgeraden. Het advies is om minder vetten te eten en juist meer koolhydraten, omdat je dan minder calorieën binnenkrijgt.

 

Experiment: eet zoveel patat of vette kaas als je wilt

 

Krijg je altijd meer calorieën binnen als je mag eten wat je wilt?
Om die vraag te beantwoorden werd een experiment onder kinderen uit groep 8 uitgevoerd. De kinderen werden in twee groepen verdeeld. De ene groep kreeg vette kaashapjes met calorieën uit voornamelijk vet en eiwit. De andere groep kreeg patat, wat voornamelijk bestaat uit koolhydraten en vet. De kinderen mochten allemaal zoveel eten als ze wilden.

Als je uitgaat van de calorie theorie zouden de kinderen uit de “kaas snack groep” meer calorieën moeten eten, omdat kaas meer vet bevat. Maar uiteindelijk at de “patat groep” drie keer meer calorieën dan de “kaas groep”!

Niet de hoeveelheid calorieën maar de bron is van belang
Dit experiment komt overeen met andere bevindingen uit wetenschappelijk onderzoek waarin werd aangetoond dat kinderen meer calorieën eten wanneer ze voornamelijk veel en/of snel opneembare koolhydraten consumeren. Het gaat dus niet om de hoeveelheid calorieën, maar om waar ze vandaag komen!

Grote hoeveelheden koolhydraten veroorzaken een continue schommeling van het bloedsuikers, wat gepaard gaat met hongergevoelens en overeten. Een overschot aan koolhydraten wordt opgeslagen als lichaamsvet. Pure en onbewerkte voeding levert niet alleen calorieën, maar is van nature vetrijker en koolhydraatarmer. Vetten geven juist een verzadigd gevoel en voorkomen ze dat het lichaam ontregeld raakt. Vetten maken dus niet vet, maar voorkomen juist dat je vet wordt!

Focus op calorieën werkt vrijwel nooit in de praktijk
Mensen die focussen op calorie arm eten, en dus koolhydraat rijk en vet arm eten, worden eigenlijk dubbel gestraft. Niet alleen zorgt de continue schommeling van het bloedsuiker voor meer hongergevoelens en overeten. Ook raakt de hormoon balans verstoord onder invloed van koolhydraten, waardoor het lichaam zich minder verzadigd voelt en je steeds honger hebt.

We zien hierdoor dat mensen die af proberen te vallen door middel van calorieën tellen vaak weinig succes hebben, teleurstellende resultaten boeken of soms juist aankomen.

Nog een reden waarom calorieën tellen niet werkt
Een ander probleem bij het “minder calorieën eten” of “meer calorieën verbruiken” om gewichtsverlies te bereiken is dat het praktisch gezien eigenlijk onmogelijk is. Ten eerste is het niet te achterhalen hoeveel calorieën het lichaam opneemt uit het gegeten voedsel. Daarnaast is het verbruik van calorieën variabel, niet alleen omdat de hoeveelheid beweging nooit hetzelfde is, ook kan het lichaam zijn stofwisseling verlagen waardoor het minder calorieën nodig heeft.

Vetrijk menu beter alternatief
Onderzoek toont aan dat voedingsmiddelen die veel vetten bevatten, meer gewichtsafname en een stabiel gewicht bewerkstelligen ten opzichte van calorie arme diëten of diëten die in verhouding veel koolhydraten bevatten. Daarnaast toont wetenschappelijk onderzoek aan dat een voedingspatroon met meer vet en weinig koolhydraten gunstige metabolische waarden creëert, de kans op hart en vaatziekten verminderd, in veel gevallen diabetes kan omkeren en mensen een langere levensverwachting biedt.

Bron: Lucan, S.C., DiNicolantonio, J.J. (2014, 29 may) How calorie-focused thinking about obesity and related diseases may mislead and harm public health. An alternative

 
Evelien de Vries diëtist
TheNewFood

Delen
Vaatchirurg schrijft koolhydraatarm dieet voor

Vaatchirurg schrijft koolhydraatarm dieet voor

Vaatchirurg dokter Haroun Gajraj besloot te stoppen met cholesterolverlagende medicijnen en in plaats daarvan te beginnen met een gezonde koolhydraatarme/keto aanpak, inclusief roomboter en veel eieren op het menu. Hij onderzocht het effect. “Je zou verwachten dat een dieet vol verzadigde vetten een negatieve uitwerking op mijn cholesterol meting zou hebben – maar nee, de waarden daalden verder en zelfs zeven maanden later zijn ze nog altijd laag.”

Hij viel af, vooral rond de maagstreek. “Inmiddels leef ik al zeven maanden met dit dieet en zonder cholesterolverlagende medicatie. Ik ben 58 en slik geen enkele medicatie en voel me beter dan ik me in jaren heb gevoeld. Ik maak me echter wel zorgen om de voorstellen om mensen eerder cholesterolverlagende medicijnen voor te schrijven.”

Bijwerkingen
Bij zijn eigen arts melde dokter Gajraj hij dat het nemen van medicatie hem bijwerkingen opleverde die vervelend waren, ondanks dat dit niet het geval was. “Hij reageerde nauwelijks. Bewijzen vanuit de farmaceutische industrie dat afgelopen maand gepubliceerd werd – bewijs waarvan ik vermoed dat de data voornamelijk afkomstig is uit de farmaceutische industrie – suggereert dat bijwerkingen zeldzaam zijn. Eerdere studies hebben echter al aangetoond dat een op de vijf mensen die cholesterolverlagende medicatie innemen lijden aan bijwerkingen; van spierpijn en diarree tot geheugenverlies en wazig zicht.”

Koolhydraatarm
“De grote verandering in mijn leefstijl die ik heb doorgevoerd sinds te zijn gestopt met cholesterolverlagende medicatie is het schrappen van suikers en veel koolhydraten en het eten van meer dierlijke vetten. Veel experts geloven inmiddels dat suikers de werkelijke slechterik zijn wat betreft hartaandoeningen.

“Er is inmiddels ruimschoots bewijs dat verzadigde vetten niet de veroorzakers zijn van hartaandoeningen. Zoals de recente analyse van 70 studies uitgevoerd door de universiteit van Cambridge.” Vertelt Dr Gajraj. Hij geeft aan dat cholesterol verlagende middelen, wat hem betreft, alleen voorgeschreven dienen te worden voor mensen die daadwerkelijk een hartafwijking hebben. “Maar dat is vooral omdat ze ontstekingsremmend werken door CRP (C-reactief eiwit) verlagend werken. Dit kan echter ook worden bereikt met lichaamsbeweging, het verminderen van gewicht en omega 3 supplementen. In feite zijn ze dus ook dan niet nodig.”

Geen bewijs

Dr Gajraj benadrukt dat het streven naar een zo laag mogelijk cholesterol niet klopt. “Bij een recent onderzoek in Noorwegen waarbij 52,000 mannen en vrouwen 10 jaar lang werden gevolgd bleek dat vrouwen met een laag totaal cholesterol een groter risico liepen te overlijden, aan hartafwijkingen of andere oorzaken, waaronder kanker. Dit bevestigd vindingen van eerdere studies.”

Hij geeft ook aan dat bij mannen bleek dat zowel een hoog als een erg laag cholesterol verbonden leek te zijn met overlijden. Waarden tussen de 5mmol/l and 7mmol/l werd als optimaal genoemd. Dit bleek al het nationale gemiddelde van Noorwegen te zijn. “Daarnaast worden in een aantal studies hoog cholesterol bij ouderen in verband gebracht met verlengde levensduur.”

Grotere kans op diabetes door medicatie

Voor Dr Gajraj was de keus om te stoppen met cholesterolverlagende middelen een bewuste en goeddoordachte keuze. “Alle vier mijn grootouders en mijn zus hebben diabetes. Onderzoek in Canada heeft aangetoond dat cholesterolverlagende middelen de kans op diabetes vergroten, dus dat geeft me weinig vertrouwen.”

 

Bron: Vaatchirurg stopt met statines 

Delen
Voedingsautoriteiten sporen aan de verkeerde calorieën te eten

Voedingsautoriteiten sporen aan de verkeerde calorieën te eten

Overgewicht is niet alleen een kwestie van te veel eten en te weinig bewegen, zoals ons altijd is geleerd. Overgewicht wordt veroorzaakt door hormonen. En die hormonen staan vooral onder invloed van wat je eet. “Je hebt wel degelijk goede en slechte calorieën. Voedingsautoriteiten sporen ons aan de verkeerde calorieën te eten.” Aldus wetenschapper Gary Taubes.

De waarheid over voeding

Het probleem van orthodoxe instanties als het Voedingscentrum is dat ze Taubes niet kunnen afserveren als halve gare. Hij is natuurkundige, won drie keer de hoogste Amerikaanse prijs voor wetenschapsjournalistiek en hij deed zijn huiswerk beter dan wie dan ook. Hij is er niet op uit een mening te verkondigen, maar zoekt simpelweg de waarheid over voeding. Dat die niet politiek correct blijkt te zijn, zal hem worst wezen.

Taubes sprak met 600 wetenschappers, spitte 150 jaar onderzoek naar de relatie tussen voeding, overgewicht en welvaartsziekten door en trok de waanzinnig foute conclusie dat de huidige voedingsadviezen niet alleen wetenschappelijke prietpraat zijn, maar dat ze ons vet en ziek maken. Zijn opmerkelijkste boodschap:

Vroeger hield je je bezig met exacte wetenschap. Waarom besloot je je 13 jaar geleden in voeding te verdiepen?

“Ik had me gespecialiseerd in wetenschappelijke dwalingen. Wetenschappers zijn net mensen en zien soms liever wat ze willen zien, dan wat er echt is. Soms omdat ze een bepaald belang dienen, soms gewoon omdat ze te verliefd zijn op hun eigen vooroordelen. Toen ik een paar jaar had geschreven over slordige natuurkundigen, wees iemand me op de voedingswetenschap. Ze zei: ‘Als je een tak van wetenschap zoekt waar ze er echt een potje van maken, dan moet je eens gaan neuzen in het onderzoek naar voeding, overgewicht en hart- en vaatziekten.’ Wat ik aantrof tart elke beschrijving. De huidige voedingsleer is geen wetenschap, maar een middeleeuwse godsdienst.”

Je zegt dat we niet dik worden omdat we te veel eten. Leg uit.

“Er zijn talloze studies die duidelijk laten zien dat sommige mensen op een bunkerdieet van zeg 5000 kcal nauwelijks aankomen, terwijl anderen nauwelijks afvallen op een hongerdieet van zeg 1700 kcal; bij gelijke activiteit. Het zijn dus niet primair de calorieën die maken dat we dik worden of afvallen. Wetenschappers weten al zeker 70 jaar dat gewichtsregulatie hormonaal gestuurd wordt.”

Wat gebeurt er dan bij mensen die dik worden?

“Je kunt alleen vet opslaan als er veel van het hormoon insuline in je bloed circuleert. Insuline is een pakhuishormoon: het zorgt ervoor dat voedingsstoffen worden opgeslagen, voornamelijk in de vorm van vet. Je hebt heel kleine beetjes insuline nodig, maar als je voortdurend meelproducten en suiker eet, of suiker drinkt in de vorm van frisdrank, pompt je alvleesklier voortdurend insuline in de bloedbaan. Dat is niet normaal. Al die insuline zet de sluisdeuren naar de vetcellen in één richting open. Het vet kan er in, maar er niet meer uit.”

Maar als je meer beweegt, dan gebruik je dat vet toch weer? Dan val je toch af?

“Bewegen is uitstekend, maar je moet niet de illusie hebben dat je er spectaculair van zult afvallen. Alle experts die ik sprak vertelden me dat het mensen niet lukt om af te vallen door meer te bewegen. Zelfs een studie onder 13000 fanatieke hardlopers liet zien dat de grote meerderheid elk jaar een beetje aankomt; zelfs degenen die vijf dagen per week 15 kilometer lopen. De reden ligt zo voor hand, dat niemand hem ziet: je krijgt honger en eet meer. En wat eten mensen? Voornamelijk zaken als pasta, sportkoekjes, pizza en brood, want dat is zogenaamd ‘gezond’. Maar al die extra koolhydraten gaan linea recta als vet naar de vetcellen, waar het vervolgens nog maar heel moeilijk uitkomt. Nogmaals, de insuline houdt het vet daar gevangen. Je kunt er niet meer bij.”

Je stelt dat dikke mensen niet dik zijn omdat ze te weinig bewegen, maar dat ze te weinig bewegen omdat ze dik zijn…

“Ja. Dikke mensen worden lethargisch en niet omdat ze ‘lui’ zijn. Obesitas is een ziekte van overdreven vetopslag. Dikke mensen hebben bij wijze van spreken voor maanden energie aan hun lijf, maar hun lichaamscellen kunnen er niet bij. Die verhongeren. Het energiegebrek is zo nijpend dat ze zelfs hun eigen spieren opeten. Het gevolg is dat deze mensen het koud krijgen, zo weinig mogelijk bewegen, kortom dat ze alles doen om energie te besparen. Ze zijn vet en ze lijden honger. De enige manier om ze te helpen, is de hormoonbalans te herstellen. Ervoor te zorgen dat de overvloedige stroom insuline stopt. En dat doe je door voornamlijk goede in plaats van slechte calorieën te eten. In de onderzoeken die zijn gedaan, zie je dat mensen vervolgens binnen een dag weer spontaan lichamelijk actief worden.”

De hersenen hebben toch glucose nodig om te functioneren?

“Zeker, maar het lichaam houdt de bloedsuikerspiegel uitstekend op peil, zelfs als je helemaal geen koolhydraten binnenkrijgt. Bovendien werken de hersenen en het hart nog effeciënter op ketonen, afbraakproducten van vetten die in geringe hoeveelheden ontstaan als je weinig suikers binnenkrijgt. Eskimo’s leven tijden achtereen zonder koolhydraten en ondervinden daar geen enkel nadeel van.”

Waarom wordt deze kennis niet toegepast?

“Tot ongeveer de jaren ’60 was dit alles tamelijk onomstreden. Mensen met een gewichtsprobleem werden door hun dokter op een koolhydraatbeperkt dieet gezet en iedereen zag dat het werkte. Toen slaagde een groepje onvoorstelbaar ambitieuze en eigenwijze wetenschappers erin de instanties ervan te overtuigen dat hart- en vaatziekten veroorzaakt worden door vet in het algemeen en verzadigd vet in het bijzonder. Een absolute dwaling, waar geen sliertje bewijs voor is, maar het gevolg was dat vet werd gedemoniseerd en mensen het advies kregen om veel complexe koolhydraten te eten. Parallel daarmee zag je dat we met z’n allen vetter werden. Het ironische is dat ongeveer op hetzelfde moment ook werd ontdekt dat hart- en vaatziekten juist worden veroorzaakt door de overdreven hoeveelheid geraffineerde koolhydraten in onze voeding en dat een hoog aandeel vet feitelijk juist beschermt. Maar de wetenschappers die dat vaststelden, zaten met een onmogelijke boodschap. Ik sprak voor mijn boek met een prominente onderzoeker uit Stockholm. Hij zei: ‘Pasta, rijst, koek, brood, gebak, suiker, dat zijn de items die voor een gevaarlijk cholesterolprofiel zorgen. Die overgewicht, diabetes en hartziekten veroorzaken. Tenzij je er heel matig mee bent. Dat is zo klaar als een klontje. Ik mag dat gerust constateren in wetenschappelijke artikelen die niemand leest, maar ik moet het niet in mijn hoofd halen om het in het openbaar te zeggen’.”

Worden wetenschappers gemuilkorfd?

“Niet letterlijk. Maar ze kunnen niet openlijk zeggen waar het op staat. Namelijk dat mensen minder geraffineerde koolhydraten en vooral minder suiker moeten eten om hun risico op overgewicht, diabetes en hart- en vaatziekten te verkleinen. Als ze dat doen, liggen ze er uit.”

Dan de hamvraag. Wat zijn goede calorieën? Wat raad je de lezeressen aan te eten?

“Slechte calorieën zijn items die de insulineproductie stimuleren. Alles wat rap wordt omgezet in glucose. Als je slank bent en volop energie hebt, heb je waarschijnlijk het geluk dat je extreem goed met suiker omgaat. Als je moet lijnen om overgewicht te voorkomen, heb je vrijwel zeker een insulineprobleem. En dan doe je er toch het verstandigst aan om geconcentreerde koolhydraten te ontwijken. De mens heeft gedurende zijn ontwikkeling vrijwel altijd koolhydraten gegeten. Dokters die in de vorige eeuw in de koloniën werkten, rapporteerden onafhankelijk van elkaar dat groepen die geen overgewicht, kanker en hart- en vaatziekten hadden, hun sublieme gezondheid verloren zodra de suikerconsumptie de twintig kilo per persoon per jaar overschreed. Het gaat om die grens. Nederlanders gebruiken nu ongeveer 40 kilo per persoon per jaar. Wat ik zelf eet? Vis, groenten, fruit, noten, eieren, boter, olijfolie, ongezoete zuivelproducten… Ik denk dat de lezeressen zelf slim genoeg zijn om te experimenteren. Probeer het maar eens een week. Je krijgt energie voor tien, hongeraanvallen verdwijnen en je wilt nooit meer terug!”

(Dit interview werd eerder geplaatst in een damesblad)

Delen
Rehanne (29) eindelijk weer fit, energiek en vrolijk

Rehanne (29) eindelijk weer fit, energiek en vrolijk

Rehanna (29) is nu een fitte, vrolijke, jonge vrouw. Maar haar leven lang heeft ze met overgewicht gekampt. Ook al was ze van kinds af aan veel in beweging en zette haar moeder ‘gezond’ eten op tafel. In een blog, waarin ze haar inspirerende verhaal doet, vertelt Rehanna wat er scheelde aan de voeding uit haar jeugd: ‘Helaas bestond dat vooral uit brood, pasta, aardappelen en snacks op basis van granen.’

Eerste dieet op haar twaalfde
Al op jonge leeftijd startte Rehanne serieus met lijnen. ‘Ik begon met Weight Watchers toen ik 12 jaar oud was, ik woog toen 72 kilo. SVanaf dat moment werd mijn leven een eeuwige cyclus afzien en afstraffen. Ik heb alle gekke diëten geprobeerd, zoals het soepdieet en nog deprimerender: het ‘eet gezond en sport-dieet’. Ik sloofde me enorm uit in de sportschool, at weinig vet en telde calorieën alsof mijn leven er vanaf hing. Maar nog steeds zag ik geen getalletjes waar ik op hoopte.’

Mislukkeling
Zoals veel verwoede diëters werd Rehanna na elke lijnpoging alleen maar dikker. ‘Ik voelde me een mislukkeling. Aan het eind van 2010 woog ik 87 kilo (ik ben maar 1.56 meter) en ik voelde me enorm vet.’ Daardoor keek ze zelfs enorm tegen haar eigen trouwdag, voor 2011 gepland, op. ‘Ik had altijd gedacht dat mijn trouwerij het moment was waarop ik eindelijk dun zou zijn en ik geloofde dat ik gewoon niet was afgevallen omdat ik niet voldoende gemotiveerd was. Ik wilde de mooie, dunne bruid zijn, dus ik begon weer met gezond eten en sporten. Opnieuw raakte ik teleurgesteld en was ik erg verdrietig. Ondanks al mijn inspanningen zou ik een dikke bruid zijn. Mijn trouwdag werd een prachtige dag, omdat ik trouwde met de liefde van mijn leven, maar ik zal er altijd op terugkijken met een zweem van spijt om hoe zwaar ik was.’

Geen aardappelen
Na terugkomst van haar huwelijksreis woog Rehanna alweer zo’n 88 kilo, en voelde ze zich vreselijk en dik. Ze boekte daarom een peperdure hypoxikuur. Daarbij moet je in een tunnel liggen en ondertussen fietsen; het weefsel op de heupen, billen en benen wordt dan door vacuümtherapie geactiveerd. Op die manier verbrandt het lichaam vetten en slank je af. Rehenna kreeg ook een eetadvies mee: twee uren na de sessies liever geen geraffineerde koolhydraten en aardappelen. Dat bleek een schot in de roos: voor het eerst viel ze veel af!

Nooit meer anders
Rehanna had in de gaten dat ze niet alleen afviel door de hypoxikuur. Ze begon te zoeken naar koolhydraatarme/keto diëten. Ze startte direct met deze aanpak en haar energiepeil steeg meteen. ‘Ik kon het niet geloven! Ik ging van de hele dag door moe en lusteloos naar elke morgen uit bed springen en me helemaal niet moe voelen tot tien uur ’s avonds.’

15 kilo
Inmiddels is Rihanna 15 kilo kwijt en 17 centimeter vet rond haar middel kwijt. Ze is er nog niet, maar de resultaten mogen er nu al zijn. Voor het eerst ziet ze dat ze smaller is. Dat haar armen en benen strakker zijn en haar gezicht dunner. Af en toe is ze gefrustreerd als ze succesverhalen leest van mensen die korte tijd meer afvielen. ‘Maar dan denk ik aan wat ik heb gewonnen. Ik heb mijn lichaam terug, en meer energie dan ik ooit had kunnen dromen. Ik ben vrolijker en ik heb een gezond lichaam, dat buigt en draait en springt en rent.’ Rehanna weet zeker dat ze haar hele leven keto blijft eten. ‘Ik kan de keren dat mensen vragen ‘wat gebeurt er als je weer normaal gaat eten?’ zijn niet tellen. Nou, ik ga niet meer normaal eten, dank u vriendelijk.’

Bron: awrl.org

Wil jij ook jouw ervaring met deze aanpak delen? Stuur ons een bericht. Wij nemen persoonlijk contact met je op voor een interview. Laten we nog meer mensen inspireren om anders te gaan eten en weer slanker, energieker en gezonder te worden!   

Delen
Meer vet eten kan je leven redden

Meer vet eten kan je leven redden

Vetarme diëten zijn geen oplossing voor de obesitasepidemie, maar lijken daar juist aan bij te dragen. Dat stelt Daniela Drake, een gerenommeerde internist die geregeld over voeding en diëten schrijft voor de Amerikaanse krant The Daily Beast.

Internist kiest voor LowCarb
Onlangs kwamen er in Amerika nieuwe obesitasrichtlijnen uit die nog steeds aanzetten tot vetarm eten. Daniela is het daar niet mee eens. Ze vertelt over hoe ze in eerste instantie zelf ook aarzelde toen ze een ernstige obesitaspatiënt een vette bouillon voorschreef. ‘Ik was bang dat ze er een beroerte door zou krijgen. Als levenslange lijner was ik er vast van overtuigd dat verzadigd vet de vijand is; als arts zat ik gevangen in dieetrichtlijnen die vetvrij voedsel voorschrijven. Maar het ging niet goed met mijn patiënt en ik moest iets radicaal anders doen. Dus ik koos voor een vette maaltijd en hoopte er het beste van.’

Wat er gebeurde zal lowcarb-eters niet verbazen. De patiënte viel af en haar suikerwaarden werden beter. Ze had zelf geen astma klachten meer. Een koolhydraatarm, vetrijk eetpatroon redde haar leven.

Dikker door minder vet
Daniela was dan ook hoogst verbaasd toen ze zag dat de nieuwe richtlijnen in Amerika (en in andere westerse landen waar obesitas een groot probleem is, red.) niets zeggen over koolhydraatarme voeding. Er wordt alleen gesproken over het eten van minder calorieën, en dat terwijl algemeen bekend is dat minder calorieën ervoor zorgen dat je later juist weer aankomt.

‘Dus deze aanbeveling zou er echt toe kunnen leiden dat een natie met dikke mensen nog dikker wordt. Dit is precies wat mensen met obesitas ons vertellen: hoe meer ze lijnen, hoe dikker ze worden.’ Daniela is niet de enige deskundige met die opvatting. Zo benadrukt Kerry Stewart, onder meer Professor of Medicine: ‘Hoe minder vet we zijn gaan eten, hoe zwaarder we zijn geworden.’

17 versus 1600 onderzoeken
Daniela denkt dat we anders zouden reageren als obesitas in werkelijkheid een nare besmettelijk ziekte was, ‘met vette wormen’ . ‘Dan zouden we wel alert reageren. Voor onszelf en voor onze kinderen en ons land. We zouden zelfs zo bang zijn dat we onze hele dieetaanpak zouden heroverwegen. Maar de nieuwe obesitasrichtlijnen zeggen niets over de vetarm-vetrijk-discussie.’

De Amerikaanse commissie heeft voor haar obesitasrichtlijnen 17 onderzoeken geanalyseerd. De internist wijst daarom naar Zweden, waar een commissie zich over maar liefst 16.000 studies boog. Aan de hand van die uitkomsten besloot de Zweedse regering landelijk een lowcarb dieet te adviseren. Daniela noemt ook een reeks studies die aantoont dat verzadigd vet geen voor hart- en vaatzieken veroorzaken. En dat uit resultaten van de Women’s Health Initiative naar voren komt dat vrouwen die meer verzadigd vet aten niet meer risico op obesitas of hartzieken hadden.

Up-to-date aanpak
De internist sluit af door te zeggen dat een vetrijk dieet geen wondermiddel is en dat er geen ‘one size fits all-aanpak’ mogelijk is. Obesitas heeft bijvoorbeeld ook te maken met darmbacteriën en verkoudheid, hormonen en slaap, cultuur en gewoonte, goede en slechte calorieën. ‘Maar het is van groot belang dat artsen up-to-date zijn als ze patiënten helpen om weer gezond te worden.’

Bron: The Daily Beast

Delen
Eet lekker vet, maar laat de koolhydraten staan, adviseert Gary Taubes

Eet lekker vet, maar laat de koolhydraten staan, adviseert Gary Taubes

‘Toen ik klein was, kreeg je hooguit één bagel in het weekeinde. Dertig jaar geleden schoten de bagelshops als paddestoelen uit de grond en nu eten we ze iedere dag. Ze bevatten geen vet, dus moeten ze wel gezond zijn. Het idee dat een dieet met weinig vetten gezond zou zijn, is toen geïnstitutionaliseerd – maar op niets gebaseerd.’

Eet lekker vet, maar laat de koolhydraten staan, want die veroorzaken obesitas, zegt de Amerikaanse eetgoeroe en wetenschapsjournalist Gary Taubes (55).

‘Mijn moeder wist wat je dik maakte. Zij begreep waarom Amerikanen van Italiaanse afkomst overgewicht kregen: puur vanwege de dagelijkse pasta.’ Donderdagavond was altijd spaghetti-avond bij hen thuis. Maar als zijn moeder wilde afvallen, at ze een tijdje geen pasta, rijst en aardappelen. Ze liet dus de koolhydraten staan. ‘Die kennis was eind jaren vijftig gemeengoed.’

De strijd tegen de koolhydraat is het levenswerk van Taubes geworden. Het begon toen hij zich in 2002 in The New York Times afvroeg of de voorstanders van mager voedsel, zoals de overheid en levensmiddelenfabrikanten met hun anti-vetcampagnes, niet een leugen verkondigden. Die boodschap kwam aan, want overgewicht had in de Verenigde Staten epidemische vormen aangenomen.

Om zijn theorieën te staven schreef Taubes Good Calories, Bad Calories (2007). Door de één werd hij bejubeld, door de ander verguisd. Hij was op tv bij Larry King en maakte ruzie met dr. Oz, bekend van optredens bij Oprah Winfrey. Voor het grote publiek schreef hij Why We Get Fat (2010). In wetenschappelijke kring vertegenwoordigt hij een minderheidsstandpunt, maar zijn beide boeken zijn bestsellers. Zijn ideeën over een koolhydraatloos dieet hebben verwantschap met die van Atkins. Hij geeft er volgende week een lezing over in de Amsterdamse Rode Hoed.

U eet al jaren geen koolhydraten. Vindt u brood en kaas geen fantastische combinatie?
‘Zeker. Als ik denk aan pizza, loopt het water me in de mond. Dat gaat niet over. Het is een pavlovreactie. Trouwens, nu ik me herinner hoe goed pizza smaakt, zou ik er best een lusten.’

Als dat verlangen er nog steeds is, dan is het toch beter het advies van voedingswetenschappers te volgen die zeggen: sluit niets uit. Eet alles, maar met mate?
‘Sommigen zijn voorbestemd dik te worden, hun lichaam reageert anders op koolhydraten. Dat is heel oneerlijk. Dan helpt dat advies niet.’

Dikke mensen eten toch meer dan dunne mensen?
‘Ja, maar waarom worden zij dik en anderen niet? Hoe blijven die dun zonder minder te hoeven eten?

‘En er zijn dikkerds die dun zijn, maar die hongeren zichzelf uit. Nu kampt tweederde van de Amerikanen met overgewicht. De meeste obese mensen eten al matig. In feite zijn ze fanatieker dan dunne mensen, juist omdat ze obees zijn. Ik ben gestopt met het eten van koolhydraten en nu ben ik niet meer dik, al ben ik nog steeds een flinke vent. Vijftien jaar geleden at ik weinig vet, nam ik geen zure room, geen boter. Als ik kip at, was het zonder vel. Toch was ik toen dikker.’

U had obesitas?
‘Ik had overgewicht. Destijds woonde ik in Los Angeles, vlak bij zee. Dagelijks sportte ik, want dat doe je als je daar woont. Mijn leven bestond uit sporten, schrijven en eten. Wat ik at, was gezond. Ieder jaar kwamen er toch een paar pondjes bij.

‘Voor het tijdschrift Science deed ik onderzoek naar voeding en volksgezondheid, en sprak 150 bronnen – voor één artikel. Ik boog me over wetenschappelijk onderzoek, over waarom diëten die weinig vet bevatten gezond zouden zijn. Ik was verbaasd over de kwaliteit van de resultaten: de ‘bewijzen’ waren niet aantoonbaar. Verbijsterend. Vervolgens publiceerde ik mijn artikel in het magazine van The New York Times. Mijn boodschap kwam hard aan.’

Hoe is de overgewichtepidemie ontstaan?
‘Het begon rond 1975. Een leefwijze met weinig vetten was gezond, dat was de algemene opvatting. In 1977 deed maïssiroop (corn syrup) zijn intrede. In die tijd steeg ook de suikerconsumptie; suiker bevat immers geen vet, maar is wel een koolhydraat. Er kwamen frisdranken op de markt met een hoog fructosegehalte. Fabrikanten deden alsof dat iets anders was dan suiker. Ook haalden ze vet uit bijvoorbeeld yoghurt en deden er suiker in. Voegden wat aardbeien toe en adverteerden dat die yoghurt goed is voor je hart, omdat het cholesterolgehalte laag is. Door dat dieetdogma denken we dat die yoghurt gezond is, al bevat die net zo veel suiker als een blikje cola.’

In Nederland volgden we dezelfde lijn met de Let op Vet-campagne van het Voedingscentrum uit de jaren tachtig. Het vet dat je eet, slaat zich op in het lichaam.
‘Is verzadigd vet slecht? Dat bewijs is er niet. Het probleem zit in vetopeenhopingen die door insuline worden veroorzaakt. Vanaf 1962 konden we vetzuren en hormonen meten in het bloed. Toen werd dat verband ontdekt. Makkelijk te verteren levensmiddelen met koolhydraten erin, zoals aardappelen, geraffineerde producten als bloem en suikers, hebben een unieke invloed op het insulinehormoon. Het zijn relatief nieuwe voedselsoorten, evolutionair beschouwd, maar ze veroorzaken wel obesitas. Ik kan watertanden bij de gedachte aan een eclair, maar ik weet dat die niets voor mij doet. Er is geen reden om te snoepen. Er zit niets in suiker en witte bloem, geen mineralen, geen anti-oxidanten. Het levert alleen maar energie op.’

Dat kan een goede reden zijn er toch je tanden in te zetten.
‘Alleen als je sterft van de honger.’

Bron: VK (30 maart 2012)
Auteur: Marie-Louise Schipper
Interview met Gary Taubes wetenschapsjournalist

Delen
Excuus voedingsdeskundigen op zijn plaats

Excuus voedingsdeskundigen op zijn plaats

We eten teveel koolhydraten en gaan verkeerd om met vetten. We worden dik van teveel koolhydraten en niet van vet. Ons menu zou weer grotendeels gebaseerd moeten worden op groenten en fruit, aangevuld met vis en vlees. Ook verzadigd vet blijkt dan geen probleem meer, maar juist een zegen. Nederlandse voedingsdeskundigen willen nog steeds niet aan die boodschap, zegt Kuipers. Dat is kwalijk omdat ze geen bewijs hebben vóór vetreductie, terwijl er bergen bewijs zijn tégen koolhydraten.

Onlangs promoveerde Remko Kuipers aan de Rijksuniversiteit Groningen. Volgens Kuipers is de manier waarop we eten de oorzaak van onze welvaartsziekten. Die moeten niet zozeer als ziekten maar eerder als een natuurlijke reactie op een onnatuurlijke eet- en leefomgeving worden gezien.

Het proefschrift van Kuipers heet “Fatty acids in human evolution: contributions to evolutionary medicine”. Het beweegt zich in een complex veld dat verschillende disciplines omvat. Van medische wetenschappen en evolutieleer tot archeologie en antropologie. Het is dan ook knap dat het proefschrift zowel zijn feitelijke als zijn theoretische redeneerstappen steeds helder en controleerbaar weet te onderbouwen.

Volgens Kuipers moeten we de voeding van de oermens – waar we nog steeds als 2 druppels water op lijken – heruitvinden met moderne, 21e eeuwse middelen. Dat is een uitdaging, want onze voeding is voor een groot deel gebaseerd op koolhydraten uit tarwe en mais. Zelfs de dieren die we eten hebben daardoor een andere voedingswaarde gekregen dan de dieren die onze voorouders aten.

Ik stelde Kuipers één vraag: welke massaal gebruikte voedingsmiddelen zouden op grond van jouw onderzoeksresultaten tegen het licht gehouden moeten worden?

Hij gaf een uitvoerig antwoord:

Wat mij betreft zou de consumptie van koolhydraten nu eindelijk eens goed tegen het licht gehouden moeten worden. Ik vind het persoonlijk erg bijzonder dat de literatuur wereldwijd inmiddels bol staat van de gevaren van met name de koolhydraten met een hoge glycemische index, dat er in Nature al gesproken wordt over “the toxic truth about sugar” terwijl we in Nederland nog van alle kanten gebombardeerd worden met het verhaal dat we moeten oppassen met vet en met name verzadigd vet, hetgeen er in de praktijk op neerkomt dat we meer koolhydraten gaan eten, want het fabeltje dat eten van meer eiwitten schadelijk voor de nieren zou zijn blijft ook maar standhouden, ondanks een recente review in de European Journal of Clinical Nutrition die dit nogmaals duidelijk ontkracht. Mente liet in de Arch Int Med al in 2009 zien dat volgens de Hill criteria voor causatie de relatie tussen zowel vet, als verzadigd vet met hart- en vaatziekten op zijn hoogst zwak te noemen is. Daar zijn inmiddels twee grote meta-analyses (van Jakobsen en Siri-Tarino) bijgekomen die deze uitspraak met heel veel data ondersteunen. De daaropvolgende reactie van onder andere de Nederlandse voedingsdeskundigen Martijn Katan, Ingeborg Brouwer, Daan Kromhout en Ronald Mensink in de Britisch Journal of Nutrition is ronduit zwak en werd nota bene door de Nederlandse student Robert Hoenselaar, in een letter to the editor, al met de grond gelijk gemaakt. Ook de reactie van Katan c.s. in de American Journal of Clinical Nutrition werd door de auteurs van het originele stuk (Siri-Tarino) eenvoudig gepareerd. De krampachtige houding om vast te houden aan het gevaar van vet en verzadigd vet inzake de volksgezondheid lijkt daarmee voornamelijk in stand te worden gehouden door een groep Nederlandse voedingsdeskundigen, die zich bovendien niet lijken te willen overhalen om hun (on)gelijk daadkrachtig te ondersteunen: namelijk door middel van een RCT.

Mijn onderzoek laat vanuit de reconstructie van ons oervoedsel al zien dat we minder koolhydraten aten. Bovendien geven we in hoofdstuk 8 van mijn proefschrift een theoretische verklaring voor de relatie tussen koolhydraten en de SERUM spiegel van verzadigd vet (dus niet de inname!) met hart- en vaatziekten. De huidige inzichten dat fructose (de belangrijkste kunstmatige zoetstof die verantwoordelijk is voor een grot deel van onze koolhydraatinname, en wel met name van die koolhydraten met een hoge glycemische index) bovendien de bloeddruk doet stijgen en net als alcohol aanleiding geeft tot vetstapeling in de lever (steatose en levercirrose), naast de al genoemde uitkomsten van die meta-analyses zijn wat mij betreft dusdanig overtuigend dat niet vet maar koolhydraten onder de loep genomen zouden moeten worden. Misschien zouden de Nederlandse deskundigen zelfs moeten zeggen: ‘excuses: we hebben het bij het verkeerde eind gehad: mindert u alstublieft uw koolhydraat inname en vergeet even onze voorgaande uitspraken over vet. Zolang we voor de kwalijke gevolgen van vet geen, maar voor koolhydraten wel bewijs hebben dat ze geassocieerd zijn met hart- en vaatziekten, veranderen we onze aanbeveling tot we tot andere inzichten komen.’

Tot slot wil ik nog toevoegen dat de cardioprotectieve effecten van linolzuur ook niet ondersteund worden door enig wetenschappelijk bewijs. Mijn collega Dr Christopher Ramsden liet dit in een meta-analyse al overtuigend zien. Bovendien ondersteunt de lage inname van linolzuur door onze voorouders, zoals blijkt uit mijn reconstructie en ons onderzoek onder Oost Afrikaanse jager-verzamelaars, een lage (<5 energie %) linolzuur inname. De door Harris in zijn aanbeveling voor de American Heart Association gebruikte trials zijn, zoals Ramsden duidelijk aantoont, enorm gebiasd doordat niet alleen verzadigd vet maar ook trans-vetten vervangen werden door linolzuur. Bovendien werd de combinatie van verzadigd en trans-vet niet enkel door linolzuur vervangen, maar bovendien door een combinatie van linolzuur en omega-3 vetzuren. Kortom, de conclusie dat we verzadigd vet moeten vervangen door linolzuur wordt niet ondersteund door de studies die Harris aanhaalt. Ook hier dient dus de aanbeveling van linolzuur kritisch belicht te worden.

Mijn conclusie is dan ook dat we ten eerste vaak simpelweg minder calorieën moeten eten. Bij een afnemende hoeveelheid calorieën, danwel bij meer geleverde fysieke activiteit dienen we meer Paleolitisch te gaan eten. Dat houdt in concreto in dat we minder koolhydraten moeten eten. Dat wil zeggen dat we de snelle koolhydraten in al onze frisdranken, koekjes en snoepgoed laten staan en we de langzamere koolhydraten in onze rijst, boterhammen, pasta en aardappelen goeddeels vervangen door langzame koolhydraten gecombineerd met vezels: dus door groente en fruit. In de plaats van deze koolhydraten dan meer vlees en vis eten. Het huidige probleem dat koeien in Nederland vetgemest worden met linolzuur maakt de zaak gecompliceerd, net als het leegvissen van de oceanen. Voor het eerste probleem zou het eten van wild een alternatief kunnen zijn, waardoor de complexiteit gereduceerd wordt tot iets wat als sinds Darwins tijd algemeen bekend is: overbevolking. Malthus heeft ons al lang geleden gewaarschuwd dat het voedselaanbod voor onze groeiende bevolking het grootste probleem is. Maar doorbreken van de groei-economie is meer iets voor de kerk en de overheid dan voor mij gelukkig. Rest mij wel het advies om binnen onze inname van vet, de inname van linolzuur te verlagen en dit te vervangen, in principe iso-calorisch dus, want onze vetinname is gelijk aan die in de Steentijd, door lange-keten meervoudig onverzadigde vetzuren zoals EPA en DHA of door bijvoorbeeld alfa-linoleenzuur uit bepaalde noten en zaden. Wat mij betreft ligt hier niet alleen een taak voor bewuster eten door de mens, maar bovendien een belangrijke taak voor de overheid voor het reguleren van het voedselaanbod: weg van de suikerhoudende troep: naar fruit, groente, vlees en vishapjes als tussendoortjes!

Bron: foodlog.nl (26 maart 2012)
Auteur: Hoofdredacteur Dick Veerman
Artikel nav

Delen
Gary Taubes: de vette leugen

Gary Taubes: de vette leugen

Oorspronkelijke titel: What If It’s All Been A Big Fat Lie (New York Times, 7 July 2002)
Auteur: Wetenschapsjournalist Gary Taubes (Vertaling door TheNewFood) 

Samenvatting van dit beroemde artikel
Het artikel van Gary Taubes is lang en grondig opgebouwd. Hier de belangrijkste punten in het kort:

  • Vet is niet de vijand – er is nooit hard bewijs geweest dat vet in voeding ons ziek maakt.

  • Suiker en koolhydraten zijn de echte boosdoeners – zij zorgen voor insulineschommelingen, vetopslag en ziekten.

  • Calorieën tellen is misleidend – niet het aantal calorieën, maar het type calorie (suiker/koolhydraten vs. vet/eiwit) bepaalt wat er in je lijf gebeurt.

  • De voedingsrichtlijnen zijn beïnvloed door belangen – politieke deals en lobby zorgden ervoor dat vet in de beklaagdenbank kwam en suiker vrijuit ging.

  • Insuline speelt de hoofdrol – het hormoon dat bepaalt of je vet opslaat of verbrandt. Te veel insuline door te veel koolhydraten leidt tot overgewicht en ziekte.

 

Het artikel: Stel dat het allemaal een vette leugen is geweest

Eerst maken ze Robert Atkins, auteur van de grootste bestseller ooit (Dr. Atkins’ Dieetrevolutie en Dr. Atkins’ Nieuwe Dieetrevolutie) 30 jaar lang belachelijk en beschuldigen hem van kwakzalverij en bedrog, om dan te ontdekken dat Dr. Atkins aldoor gelijk heeft gehad.

Of misschien was het dít wel: zij ontdekken dat hun eigen voedingsvoorschriften – ‘eet minder vet en meer koolhydraten’ – de oorzaak zijn van de voortwoekerende zwaarlijvigheids-epidemie in Amerika. Of, wie weet, ontdekken ze dat béide bovengenoemde stellingen waar zijn.

Toen Atkins voor het eerst zijn “Dieet Revolutie” publiceerde in 1972, begonnen Amerikanen net te wennen aan het idee dat vet – voornamelijk de verzadigde vetten uit vlees en melkproducten – het voornaamste voedings-spook was van het Amerikaanse dieet.

Het lukte Atkins miljoenen boeken te verkopen. Hij beloofde dat we konden afvallen door het eten van biefstuk, eieren en roomboter, zo véél als we maar wilden. Want het zijn de koolhydraten, de pasta, rijst, broodjes en suiker, die de zwaarlijvigheid en zelfs hart- en vaatziekten veroorzaken. Vet, zei hij, was onschadelijk.

Atkins stond zijn lezers toe om, zoals hij het stelde “ongelimiteerd echt luxueus voedsel” te eten: “kreeft met botersaus, biefstuk met bearnaisesaus, bacon cheeseburgers.” Hij stond echter géén zetmeel of geraffineerde koolhydraten toe. Dus: geen suikers of voedsel vervaardigd van meel. Atkins verbood zelfs vruchtensappen, en accepteerde slechts een minimum aan groenten, hoewel de groenten steeds meer bespreekbaar werden hoe langer het dieet voortduurde.

Atkins was zeer zeker niet de eerste, die rijk werd door het promoten van een vetrijk dieet, dat koolhydraten beperkte. Maar hij maakte het dusdanig populair dat de American Medical Association het als een potentiële dreiging beschouwde voor onze gezondheid. De A.M.A. viel het Atkins-dieet aan als een “bizar dieet” dat “een ongelimiteerde inname van verzadigde vetten en cholesterolrijk voedsel” adverteerde. Atkins moest zijn dieet zelfs in zittingen van het Amerikaanse Congres verdedigen.

Polarisatie over oorzaak overgewicht

Dertig jaar later, is Amerika griezelig gepolariseerd geraakt op het gebied van lichaamsgewicht. Enerzijds is ons met bijna religieuze zekerheid verzekerd door iedereen, vanaf de hartchirug tot de huisarts – en wij zijn dat dan ook met een bijna religieuze zekerheid gaan geloven – dat overgewicht wordt veroorzaakt door overmatige consumptie van vet, en dat we, wanneer we minder vet eten, zullen afvallen en langer leven.

Anderzijds hebben we de nooit-aflatende boodschap van Atkins en tientallen jaren van bestseller-dieetboeken, o.a. “The Zone”, “Sugar Busters” en “Protein Power” om er maar een paar te noemen. Allen ‘pluggen’ de één of andere variatie van wat geleerden noemen de alternatieve hypothese: het is niet het vet dat ons dik maakt, maar het zijn de koolhydraten. Als wij maar minder koolhydraten eten, zullen we afvallen en langer leven.

Het revolutionaire van deze alternatieve hypothese is, dat het precies dié geraffineerde koolhydraten als oorzaak van overgewicht aanwijst, die aan de basis staan van de ‘Schijf van Vijf’ – pasta’s, rijst en brood -. Daarvan is ons altijd verteld dat ze de basis vormen van een gezond, vetarm dieet. En verder de suiker of maissiroop in de limonades, vruchtensappen en sport-drankjes, die wij in grote hoeveelheden tot ons zijn gaan nemen, om de simpele reden dat ze vet-vrij zijn en dus goed voor de gezondheid líjken.

Het minder-vet-is-gezond dogma vertegenwoordigt de werkelijkheid zoals wij die hebben leren kennen. En de overheid heeft honderden miljoenen dollars uitgegeven om de waarde daarvan de bewijzen. Ondertussen is de boodschap om koolhydraat-arm te eten verwezen naar het rijk van de onwetenschappelijke fantasie.

Meer aandacht voor low carb bij wetenschappers

Gedurende de afgelopen vijf jaar heeft er echter een subtiele verschuiving plaatsgevonden in de wetenschappelijke consensus. Het is lange tijd zo geweest, dat zelfs het overwégen van de mogelijkheid van de alternatieve hypothese, laat staan het onderzoeken ervan, gelijk stond aan kwakzalverij of medeplichtigheid daaraan.

Een kleine, maar groeiende groep van gevestigde wetenschappers begint nu serieus in overweging te nemen, wat de low-carb-diet onderzoekers al lang verkondigen. Walter Willett, voorzitter van de afdeling voedingsstoffen aan de Harvard School of Public Health, is waarschijnlijk de meest uitgesproken voorstander van het testen van deze ketterse theorie. Willet is de spreekbuis van de langstlopende, meest veelomvattende dieet- en gezondheidsstudies die ooit zijn uitgevoerd, al meer dan $100 miljoen hebben gekost en gegevens hebben verzameld van bijna 300.000 personen.

Deze gegevens, zegt Willett, weerspreken duidelijk de minder-vet-is-gezond boodschap “alsmede het idee dat alle vet slecht voor je is; de uitsluitende gerichtheid op nadelige gevolgen van vet kan mogelijkerwijs hebben bijgedragen tot de zwaarlijvigheids-epidemie.”

Deze onderzoekers benadrukken dat er voldoende reden is om aan te nemen dat de minder-vet-is-gezond-theorie de tand des tijds niet heeft doorstaan. In het bijzonder, dat wij ons middenin een zwaarlijvigheids-epidemie bevinden die begon in de vroege 80-er jaren en die samenviel met de opkomst van het vet-arm dogma. (Type II diabetes, de meest verspreide vorm van deze ziekte, steeg gedurende deze periode ook significant).

Low fat hopeloos mislukt

Ze zeggen dat vet-arme diëten in klinische onderzoeken én in het werkelijke leven, zichzelf als hopeloze mislukkingen hebben bewezen. En daarenboven dat het percentage van vet in het Amerikaanse dieet al ruim twee decennia dalende is. Onze cholesterol-waarden zijn gedaald en we zijn minder gaan roken, en nog stééds is het vóórkomen van hartziekten niet gedaald zoals we zouden moeten kunnen verwachten. “Dat is zeer verontrustend,” zegt Willett. “Het suggereert dat er iets anders aan de hand is wat slecht is voor ons”.

De wetenschap áchter de alternatieve hypothese wordt Endocrinologie 101 genoemd, zoals dat gedaan is door David Ludwig, een onderzoeker aan de Harvard Medical School, die de kinderkliniek, gespecialiseerd in zwaarlijvigheid, leidt aan de Children’s Hospital in Boston, en die zijn eigen versie van een koolhydraat-arm dieet voorschrijft aan zijn patiënten.

Endocrinologie 101 vereist kennis van de wijze waarop koolhydraten invloed hebben op insuline en bloedsuikers en op hun beurt op vetmetabolisme en eetlust. Dit is de basis van de endocrinologie: de studie van de hormonen (zoals insuline), zegt Ludwig. En het wordt nog steeds als radicaal beschouwd omdat de kennis van het vetarme dieet in de 60er jaren afkomstig was van onderzoekers die zich vrijwel uitsluitend bezighielden met de uitwerking van vet op cholesterol en hartkwalen.

Toentertijd was Endocrinologie 101 nog onderontwikkeld en werd dus genegeerd. Nu deze wetenschap vorderingen maakt, moet het een kwarteeuw anti-vet-vooroordelen bevechten.

De alternatieve hypothese komt met een resultaat dat de moeite van het overwegen waard is, omdat het een ‘knaller’ is, en dat kan wellicht een struikelblok vormen voor de acceptatie ervan.

Indien de alternatieve hypothese juist is – nog steeds een groot ‘indien’ – dan suggereert het in hoge mate dat de voortdurende epidemie van zwaarlijvigheid in Amerika en elders, niet, zoals wij doorlopend te horen krijgen, simpelweg een gevolg is van een collectief gebrek aan wilskracht en het nalaten van lichamelijke oefeningen.

Het ontstond echter, zoals Atkins aldoor beweerde (samen met Barry Sears, schrijver van “The Zone”), omdat de deskundigen bij de overheid op gezondheidsgebied met de beste bedoelingen, ons adviseerden precies dié voedingsmiddelen te nuttigen, die ons dik maken, en die raad volgden wij op. Wij aten méér vetvrije koolhydraten, die ons op hun beurt eerst hongeriger maakten en daarna zwaarder.

Simpelweg gezegd, als de alternatieve hypothese klopt, dan is het vetarme dieet niet per definitie een gezond dieet. In de praktijk kan zo’n dieet niet anders dan koolhydraatrijk zijn, hetgeen tot zwaarlijvigheid kan leiden, wellicht zelfs tot hartkwalen.

“Voor een groot deel van de bevolking, wellicht 30 tot 40%, zijn vetarme diëten contraproductief”, zegt Eleftheria Maratos-Flier, directeur van zwaarlijvigheids-onderzoek aan Harvard’s prestigieuze Joslin Diabetes Center. “Ze hebben het paradoxale effect dat zij mensen zwaarder laten worden”.

Wetenschappelijk onderzoek niet eenvoudig

Wetenschappers kibbelen nog steeds over vet, ondanks een eeuw van onderzoek, omdat de regulatie van eetlust en gewicht in het menselijk lichaam bijna onbegrijpelijk complex blijkt te zijn en de experimentele gereedschappen die wij hebben om het te bestuderen nog opmerkelijk inadequaat zijn. Deze combinatie brengt onderzoekers in een onaangename positie. Het gehele fysiologische systeem onderzoeken, behelst het gedurende maanden of jaren achtereen voeren van echt voedsel aan echte menselijke proefpersonen, hetgeen te duur is om uit te voeren, ethisch niet verantwoord (als je de mate van invloed wilt meten van voedingsmiddelen die wellicht hartkwalen kunnen veroorzaken) en vrijwel onmogelijk uitvoerbaar op welke wetenschappelijk gecontroleerde manier dan ook.

Maar als onderzoekers een minder kostbare en beter controleerbare studie willen uitvoeren, resulteert dat in de studie van experimentele situaties, die zó óver-vereenvoudigd zijn dat hun resultaten wellicht niets meer met de werkelijkheid te maken hebben.

Dit leidt op zijn beurt weer tot een onderzoeksliteratuur, die zo uitgebreid is dat men altijd wel één of ander gepubliceerd onderzoek kan vinden, om welke theorie dan ook te staven. Het gevolg is een tegenstribbelende gemeenschap  “versplinterd, met een onbuigzame opinie en in vele gevallen wars van elk compromis”, zegt Kurt Isselbacher, voormalig voorzitter van de Food and Nutrition Board van de National Academy of Science. Daarin lijken onderzoekers er snel van overtuigend te zijn, dat hun vooropgezette ideeën correct zijn. En ze zijn volkomen ongeïnteresseerd in het onderzoeken van elke andere hypothese dan die van henzelf.

Overigens, het aantal misvattingen die verspreid worden over de meest elementaire research is schrikbarend.

Onderzoekers kunnen keurig wetenschappelijk de beperkingen van hun eigen experimenten omschrijven, om daarna iets als de absolute waarheid te verkondigen omdat ze het in een tijdschrift hebben gelezen. Het klassieke voorbeeld is de bewering die herhaaldelijk wordt gehoord, dat 95 procent van alle diëters nooit afvallen, en dat 95 procent van diegenen die dat wél doen, wat ze afgevallen zijn er zo weer bij hebben.

Dit wordt terecht toegewezen aan psychiater Albert Stunkard van de University of Pennsylvania, maar de vermelding dat deze uitlating is gebaseerd op 100 patiënten van Stunkard’s zwaarlijvigheids-kliniek tijdens de regering Eisenhower (1945-1949) blijft achterwege.

Onder voorbehoud kan gezegd worden, dat één van de weinige redelijk betrouwbare feiten over de zwaarlijvigheids-epidemie is, dat het begon rond de vroege 80-er jaren. Volgens Katherine Flegal, een epidemioloog aan de National Center for Health Statistics, bleef het percentage van Amerikanen met zwaarlijvigheid door de 60-er en 70-er jaren relatief constant op 13 tot 14 procent en schoot toen in de 80-er jaren met 8 procent omhoog. Tegen het einde van dat decennium, was bijna 1 op 4 Amerikanen zwaarlijvig.

Die scherpe stijging, die heerste in alle lagen van de Amerikaanse bevolking en ongecontroleerd voortduurde tijdens de 90-er jaren, is het bijzondere kenmerk van de epidemie. Elke theorie die zwaarlijvigheid in Amerika wil verklaren, zal daarvan rekenschap moeten geven. Intussen is het aantal te dikke kinderen bijna verdrievoudigd. En voor het eerst begonnen artsen Diabetes Type II bij opgroeiende kinderen te constateren. Type II Diabetes gaat vaak gepaard met zwaarlijvigheid. Het werd vroeger vroeg-volwassenen-diabetes genoemd en nu, om verklaarbare redenen niet meer.

Toename zwaarlijvigheid. Hoe kon dit gebeuren?

De orthodoxe en algemeen aanvaarde verklaring is dat wij leven in wat Kelly Brownell, een Yale psycholoog, eens noemde een “giftig voedsel omgeving” van goedkoop, vet voedsel, grote porties, indringende voedsel-reclame en een zittend leven. Volgens deze theorie, leven wij bij de Pavlov-achtige gratie van de voedingsindustrie, die bijna $ 10 miljard per jaar besteedt aan de reclame voor ongezonde junkfood en fastfood.

En omdat deze voedingsmiddelen, vooral fastfood, zo vol zitten met vet, zijn zij zowel onweerstaanbaar als buitengewoon dikmakend.

Volgens deze theorie heeft onze moderne samenleving daarboven op succesvolle wijze de fysieke inspanning uit ons dagelijks leven verbannen. Wij trainen niet meer en lopen geen trappen meer, noch gaan onze kinderen op de fiets naar school, of spelen zij buiten, omdat zij er de voorkeur aan geven video-spelletjes te doen en TV te kijken.

En omdat sommigen van ons klaarblijkelijk veroordeeld zijn zwaarder te worden, terwijl anderen dat niet zijn, heeft deze verklaring ook een genetische component, de zuinigheids-gen. Het suggereert dat het opslaan als vet van extra calorieën, een evolutionair voordeel was voor onze Paleolithische voorouders, die veelvuldige hongersnoden moesten overleven. Wij hebben dus deze “zuinige” genen geërfd, óndanks hun gevaar in de hedendaagse giftige leefomgeving.

Deze theorie klinkt aannemelijk en speelt in op onze puriteins vooroordeel dat vet, fastfood en televisie buitengewoon schadelijk zijn voor onze mensheid. Maar er zijn 2 valstrikken.

Ten eerste, om dit verhaal te geloven moet men accepteren dat de overvloedige negatieve versterking die zwaarlijvigheid begeleidt – zowel sociaal als fysiek – gemakkelijk te overwinnen is door het voortdurende bombardement van voedsel-advertenties en aantrekkingskracht van een overgrote voordelige maaltijd.

Ten tweede, zoals Flegal aangeeft, bestaat er weinig informatie om ook maar iets hiervan te staven. Niets ervan verklaart tenminste wat er zó opmerkelijk veranderd is, om de epidemie te starten. Fastfood-consumptie bijvoorbeeld, groeide gestaag tijdens de 70-er en 80-er jaren, maar het nam geen plotselinge vlucht, zoals zwaarlijvigheid.

Voor wat betreft training en fysieke inspanning, is er geen betrouwbare informatie van vóór de mid-80-er jaren, volgens William Dietz, die de afdeling voor voedingsleer en fysieke activiteit leidt aan de Centers for Disease Control; de gegevens van de 90-er jaren tonen de stijging van de zwaarlijvigheid-ratio, terwijl fysieke activiteit onveranderd bleef. Dit suggereert dat die twee weinig overeenkomst hebben.

Dietz erkent tevens dat een cultuur van fysieke inspanning in de 70-er jaren in de Verenigde Staten begon – de “bewegen-in-je-vrijetijd-manie”, zoals Robert Levy, directeur van de National Heart, Lung and Blood Institute, het in 1981 omschreef – en tot op heden voortduurt.

Wat het ‘zuinigheids-gen’ betreft, het biedt het soort evolutionaire ratio voor menselijk gedrag, dat wetenschappers geruststellend vinden, maar dat eenvoudigweg niet kan worden getest. Met andere woorden, als wij nu midden in een anorexia-epidemie zaten, zouden de experts over de evengoed on-testbare ‘verkwistings-gen’ theorie aan het discussiëren zijn, die de evolutionaire voordelen van gemakkelijk gewichtsverlies verkondigt. Een zwaarlijvige homo erectus – zouden zij zeggen – zou een gemakkelijk doelwit zijn geweest voor roofdieren.

Het is tevens onweerlegbaar, beweren studenten van Endocrinologie 101, dat de mensheid nooit is geëvolueerd tot het eten van een dieet dat zetmeel- en suikerrijk is.

Low fat nog maar 25 jaar oud

“Graanprodukten en geconcentreerde suikers waren aanvankelijk níet aanwezig in het menselijke voedsel, tot de uitvinding van de landbouw”, zegt Ludwig, “hetgeen pas 10.000 jaar geleden gebeurde”.

Dit wordt veelvuldig besproken in de anthropologie-teksten, is echter áfwezig in de zwaarlijvigheid-literatuur, met de in het oog springende uitzondering van de ‘Low-Carbohydrate’-dieetboeken.

Wat in de huidige tegenstelling over het hoofd wordt gezien, is dat het vet-arme dogma zélf nog maar zo’n 25 jaar oud is. Tot in de late 70-er jaren was de geaccepteerde wijsheid dat vet en eiwitten beschermen tegen tevéél eten, doordat zij je verzadigen, en dat koolhydraten je dik maken.

In “The Physiology of Taste” b.v. – een verhandeling uit 1825 die beschouwd wordt als één van de meest beroemde boeken die ooit over voedsel werden geschreven – zegt de Franse gastronoom Jean Anthelme Brillat-Savarin dat hij gemakkelijk de oorzaken van zwaarlijvigheid zou kunnen identificeren, na 30 jaar lang naar de één na de andere “gezette persoon” te hebben geluisterd, die de vreugden van brood, rijst en (door een bijzónder gezet persoon) aardappelen.

Brillat-Savarin omschreef de wortels van de zwaarlijvigheid als de natuurlijke aanleg, gecombineerd met de “bloemige en drabbige stoffen die men tot het hoofdingrediënt van de dagelijkse voeding maakt”. Hij voegde toe dat de uitwerking van deze drabbige kost – b.v. “aardappels, graan of elke soort bloem” – zichtbaar werd zodra suiker aan het dieet werd toegevoegd.

Dit is wat mijn moeder mij 40 jaar geleden al leerde, ondersteund door de vage observatie dat Italianen naar corpulentie neigen omdat zij zo veel pasta eten. Deze observatie was zelfs gedocumenteerd door Ancel Keys, een arts van de University of Minnesota, die opmerkte dat vetten “stevig op de maag liggen”. Daarmee bedoelde hij dat zij langzaam verteerd worden en dus een voldaan gevoel geven, en dat Italianen tot de zwaarste bevolkingen hoorden, die hij had bestudeerd.

Volgens Keys, aten de Napolitanen b.v. slechts één á twee maal per week een kleine hoeveelheid mager vlees, maar wel elke dag brood en pasta voor lunch en avondmaaltijd. “Er was geen aantoonbaar bewijs voor ondervoeding”, schreef hij, “maar de vrouwen uit de arbeidersklasse waren dik”.

In de 70-er jaren waren nog steeds artikelen te vinden in de kranten, die hoge mate van zwaarlijvigheid beschreven in Afrika en het Caraïbisch gebied, waar de voeding bijna uitsluitend uit koolhydraten bestond. De algemene opvatting, schreef een voormalige direkteur van de Voedsel Afdeling van de Verenigde Naties, was dat het ideale dieet – een die zwaarlijvigheid, ‘snacking’ en overvloedige suikerconsumptie voorkwam – er eentje was met “voldoende eieren, rundvlees, schapevlees, kip, boter en goed-gekookte groenten”. Dit was identiek aan het voorschrift wat Brillat-Savarin in 1825 aangaf.

Invloed van de politiek op low fat

Het was notabene Ancel Keys, die in de 50-er jaren het minder-vet-is-gezond dogma introduceerde, met zijn theorie dat voedingsvetten het cholesterol-gehalte doen stijgen en hartkwalen veroorzaken. Over de daaropvolgende twee decennia bleef het wetenschappelijke bewijs dat deze theorie staafde, echter hardnekkig dubbelzinnig.

De zaak werd uiteindelijk niet door nieuwe ontdekkingen beklonken, maar door politiek. Het begon in Januari 1977, toen een commissie van de Senaat, geleid door George McGovern, zijn “Dieet-voorschriften voor de Verenigde Staten” publiceerde, met het advies dat Amerikanen hun vet-inname drastisch omlaagbrengen om een epidemie van “dodelijke ziektes”, die klaarblijkelijk het land teisterden, een halt toe te roepen.

Het toppunt kwam eind 1984, toen de National Institutes of Health officieel adviseerden dat alle Amerikanen boven de leeftijd van 2 jaar minder vet moesten eten. Tegen die tijd was vet verworden tot “die vette moordenaar” om in de gedenkwaardige woorden van de Center for Science in the Public Interest te spreken. En het historische Amerikaanse ontbijt van eieren en bacon was al ver op weg een kom corn flakes met magere melk te worden, met een glas sinaasappelsap en toast (zónder boter) – een dubieus festijn van verfijnde koolhydraten.

In de tussenliggende jaren, spendeerden de N.I.H. meerdere honderden miljoenen dollars in een poging een samenhang te bewijzen tussen het eten van vet en het krijgen van hartkwalen en, in tegenstelling tot wat wij denken, zij slaagden daar niet in. Vijf grote studies brachten geen enkel verband aan het licht. Een zésde echter, die dik over $ 100 miljoen kostte, concludeerde dat het verminderen van de cholesterol d.m.v. medicijnen hartkwalen kon voorkomen. Toen sprongen de N.I.H.-administrators in het diepe.

Basis Rifkind, die de relevante onderzoeken voor de N.I.H. controleerde, omschreef hun logica als volgt: het was hen niet gelukt – na hieraan grote sommen geld te hebben uitgegeven – te bewijzen dat het eten van minder vet ook maar enig voordeel voor de gezondheid opleverde. Maar als een cholesterol-verlagend medicijn hartkwalen kon voorkomen, dan zou een vet-arm, cholesterol-verlagend dieet hetzelfde resultaat moeten opleveren. “De wereld is nu eenmaal niet volmaakt, vertelde Rifkind mij. “De gegevens die definitief uitsluitsel geven zijn niet verkrijgbaar, dus moeten wij ons best doen met wat wél beschikbaar is”.

Opkomend verzet tegen low fat

Sommige van de beste wetenschappers waren het met deze vet-arme logica niet eens, beweerden dat een degelijke wetenschap onverenigbaar was met een dergelijke sprong in het duister, maar zij werden deskundig genegeerd. Pete Ahrens, wiens Rockefeller University laboratorium de oorspronkelijke research van cholesterol-metabolisme had gedaan, verklaarde voor de commissie van McGovern dat ieder mens ánders reageert op een vet-arm dieet. Het was niet de vraag wie er wél of niét door geschaad zou kunnen worden, zei hij, maar “een gok”. Phil Handler, toen president van de National Academy of Sciences, verklaarde hetzelfde in het Congres in 1980.

“Welk recht”, vroeg Handler, “heeft de federale overheid, voor te stellen dat de Amerikaanse bevolking een reusachtig voedings-experiment uitvoert, met henzelf als object, gebaseerd op zó weinig bewijs dat het hen enig góed zal doen?”.

Invloed van de voedingsindustrie op low fat

Desalniettemin, nu de N.I.H. zich had verklaard vóór de vet-arme doctrine, nam de voedingsindustrie het over. Zij begon snel met het produceren van duizenden vet-arme produkten om aan de nieuwe aanbevelingen tegemoet te komen. Vet werd verwijderd uit voedsel, zoals koekjes, chips en yoghurt. Het probleem was, dat er iets ánders voor in de plaats moest komen, wat smaakvol en aantrekkelijk was, hetgeen de één of andere vorm van suiker betekende, vaak fructose-rijke maïs-siroop.

Intussen ontstond een gehele industrie voor het vervaardigen van vet-vervangers, waarvan Procter & Gamble’s …olestra de eerste was. En omdat deze vetarme vlezen, kazen, snacks en koekjes moesten wedijveren met een paar honderdduizend ándere voedselprodukten die in Amerika verkocht worden, investeerde de industrie aanzienlijke reclame-gelden om de minder-vet-is-gezond boodschap te versterken.

Een grote hulp hierbij bood, wat Walter Willett noemt, de “enorme hoeveelheden” diëtisten, gezondheidsorganisaties, consumenten-groepen en zelfs de schrijvers van kookboeken, allemaal goedbedoelende missionarissen van gezond eten.

Low fat verhaal te simpel

Weinig experts ontkennen nog dat de vetarm-boodschap véél te simpel wordt voorgesteld. Op zijn minst, negeert het zéér effectief het feit dat onverzadigde vetten, zoals olijfolie, relatief gezond voor je zijn: zij neigen ertoe het goede cholesterol (HDL) te verhogen en het slechte cholesterol (LDL) te verlagen, althans, in verhouding tot het effect van koolhydraten. Terwijl een hoger LDL-gehalte het gevaar op hartkwalen verhoogt, wordt het verláágd door een hoger HDL-gehalte.

Wat dat betekent, is dat zelfs verzadigde vetten – alias de ‘slechte’ vetten –nog niet hálf zo schadelijk zijn als wij denken. Inderdaad, zij verhogen je cholesterol-gehalte, maar zij zullen tegelijkertijd het ‘goede’ cholesterol-gehalte verhogen. M.a.w., het is om het even. Zoals Willet mij uitlegde, zal je weinig of geen verbetering van de gezondheid bereiken door het laten staan van melk, boter en kaas, om daarvoor in de plaats bagles te eten.

Maar het wordt nóg gekker. Voedingsstoffen die min of meer dodelijk werden beschouwd onder het vetarm-dogma, blijken verhoudingsgewijs goedaardig te zijn als je kijkt naar hun actuele vet-inhoud. Meer dan 2/3 van het vet in b.v. een Porterhouse Steak, zal je cholesterol-profiel absoluut verbeteren (ten minste, in verhouding tot de gebakken aardappel die er naast ligt); het klopt dat het restant de LDL – het slechte spul – zal doen stijgen, maar het zal tevens je HDL omhoogbrengen. Hetzelfde geldt voor varkensvet. Als je het cijferwerk doet, kom je tot de surrealistische conclusie dat je varkensvet zó uit de verpakking kan eten, terwijl het je risico op hartkwalen aanzienlijk vermindert.

Het cruciale voorbeeld van de manier waarop de vetarme aanbevelingen werden vereenvoudigd, is de invloed (potentieel levensgevaarlijk overigens) van vetarme diëten op trigliceriden, die de bindende molecules zijn van vet. Tegen het eind van de 60-er jaren, hadden wetenschappers bewezen dat hoge triglyceride-gehalten minstens net zo vaak voorkwamen bij patiënten met hartkwalen, als hoge LDL-cholesterolwaarden. En dat het eten van vetarm, koohydraatrijk voedsel hun triglyceride-gehalte zou doen stijgen, hun HDL-gehalte verlagen en datgene accentueren wat Gerry Reaven , een endicrinoloog aan de Stanford Universiteit, Syndroom X noemt. Dit is een groep van aandoeningen die tot hartkwalen en Type 2 diabetes kunnen leiden.

Eten van low fat en high carb veroorzaakt gezondheidsprobleem

Reaven deed er een jaar over om zijn omgeving ervan te overtuigen dat Syndroom X een legitiem gezondheidsprobleem was. “Soms zouden we wensen dat het gewoon zou verdwijnen omdat niemand er raad mee weet”, zei Robert Silverman, een N.I.H.-onderzoeker, op een N.I.H.-conferentie in 1987. “Hoge eiwitgehalten kunnen slecht zijn voor de nieren. Een hoog vetgehalte is slecht voor het hart. Nu vertelt Reaven ons geen grote koolhydraat-hoeveelheden te gebruiken. We moeten wel iéts eten”.

Zeker, alle betrokkenen bij de samenstelling van de verschillende voedingsadviezen wilden eenvoudig dat Amerikanen minder junkfood aten, hoe je dat dan ook wil definiëren, en meer eten zoals dat in Berkeley California gedaan wordt. Maar wij gingen er niet in mee. In plaats daarvan aten we meer zetmelen en verfijnde koolhydraten, omdat dit, calorie voor calorie, de goedkoopste voedingsmiddelen zijn die de voedingsindustrie kan produceren. En ze kunnen met de meeste winst worden verkocht. Het is ook wat we gráág eten. De persoon – onder de leeftijd van 50 jaar – die niét een koekje of gezoete yoghurt prefereert boven een stronk broccoli, is zeer zeldzaam.

Voedingsindustrie ziet haar kans schoon

“Alle onderzoekers zouden er goed aan doen, zich bewust te worden van de wet van onbedoelde consequenties”, zegt Alan Stone, die directeur was van de McGovern Senaatscommissie. Stone vertelde mij dat hij al een vermoeden had, hoe de voedselindustrie zou reageren op de nieuwe voedingsadviezen, toen de hoorzittingen voor het eerst gehouden werden.

Een econoom nam hem terzijde, zei hij, en gaf hem een lesje in marketing in gezond eten: “Hij zei: creëer een nieuwe markt met een gloednieuw geproduceerd voedsel, geef het een splinternieuwe, chique naam, zet er een groot reclamebudget achter, dan heb je de markt helemaal voor jezelf alleen, en kan je je concurrenten dwingen een inhaalslag te maken. Dat kan je niet met fruit e/o groenten doen. Het is moeilijker verschil te maken tussen een appel en een appel.”

Voedingsdeskundigen speelden ook een rol, omdat zij probeerden de wetenschap de gedachte over te laten nemen, dat koolhydraten het ideale voedingsmiddel zijn. Dat vet negen calorieën per gram telt, tegenover vier voor koolhydraten en eiwitten. was al bijna een eeuw bekend. Het werd over het algemeen als irrelevant beschouwd voor het onderzoek naar de oorzaken van zwaarlijvigheid, Nu werd dus de schijnbaar veilige stelling van de vetarm-aanbevelingen: verminder de belangrijkste bron van calorieën in het dieet en je zult gewicht verliezen.

In 1982, publiceerde J.P. Flatt, een biochemicus aan de Universiteit van Massachusetts, zijn onderzoek, waarin hij aantoonde dat het in een normaal voedingspatroon uiterst zeldzaam is dat het menselijk lichaam koolhydraten omzet in lichaamsvet. Dit werd vervolgens door de media en een groot aantal wetenschappers verkeerd geïnterpreteerd, in dié zin, dat het eten van koolhydraten, zelfs in overmatige hoeveelheden, niet dik kan maken – wat niet het geval is, zegt Flatt.

Maar het misverstand ging een krachtig eigen leven leiden omdat het samenviel met de opvatting dat vet tot zwaarlijvigheid leidt en dat koolhydraten onschuldig zijn.

Met als resultaat dat de belangrijkste ontwikkeling in het Amerikaanse dieet sinds het eind der 70-er jaren, volgens de U.S.D.A. landbouw-econoom Judith Putnam, een vermindering van het percentage van vet-calorieën is geweest en een “zeer verhoogde consumptie van koolhydraten”. Om precies te zijn, de jaarlijkse graan-consumptie is met bijna 30 kilo per persoon toegenomen en calorierijke zoetmiddelen (hoofdzakelijk fructoserijke maissiroop) met 15 kilo.

Tegelijkertijd begonnen we plotseling meer calorieën te consumeren: nu tot 400 meer per dag sinds de regering begon met de aanbeveling van vetarme diëten.

Als deze trends correct zijn, kan de vet-epidemie beslist verklaard worden doordat Amerikanen meer calorieën eten dan ooit tevoren – overbodige calorieën tenslotte, doen ons in gewicht toenemen – en in het bijzonder, meer koolhydraten.

De vraag is waarom?

Het antwoord dat gegeven wordt door Endocrinologie 101 is, dat we eenvoudigweg meer honger hebben dan in de 70-er jaren. En de reden daarvan is fysiologisch, éérder dan psychologisch. In dit geval is de verzadigingsfactor – genegeerd in de jacht op vet en het effect daarvan op cholesterol – de manier waarop koolhydraten de bloedsuiker en insuline beïnvloeden. Feitelijk waren deze aldóór al de aangewezen boosdoeners, waardoor Atkins en de low-carb-dieet dokters er al vroeg bovenop sprongen.

De primaire taak van insuline

Nadat je koolhydraten hebt gegeten, worden ze tot suikermoleculen afgebroken en naar de bloedsomloop getransporteerd. De alvleesklier scheidt dan insuline uit, die de bloedsuiker in de spieren en de lever brengt als brandstof voor de komende uren. Om deze reden hebben koolhydraten een significante uitwerking op insuline, en vet niet. En daar jeugd-diabetes wordt veroorzaakt door een gebrek aan insuline, geloven artsen sinds de 20-er jaren dat het enige probleem dat je met insuline kan hebben, is, dat je er niet genoeg van hebt.

Maar insuline reguleert ook het vet-metabolisme. We kunnen zonder insuline geen lichaamsvet opslaan. Stel je insuline voor als een schakelaar. Als het aan staat, die paar uren na een maaltijd, verbrand je koolhydraten als energie en sla je overtollige calorieën op als vet. Als hij uit staat, nadat de insuline verbruikt is, verbrand je vet als brandstof. Dus als de insuline-spiegel láág is, ga je je eigen vet verbranden, maar niet als die hóóg is.

En nu wordt het dus noodzakelijk gecompliceerd. Hoe dikker je bent, hoe meer insuline je pancreas per maaltijd produceert, en hoe waarschijnlijker het is dat je een z.g. “insuline-resistentie” zal ontwikkelen, wat weer de achterliggende oorzaak is van Syndroom X.

In feite worden je cellen ongevoelig voor de werking van de insuline, en daardoor heb je dus alsmaar grótere hoeveelheden nodig om je bloedsuiker te reguleren. Dus, terwijl je in gewicht toeneemt, maakt insuline het makkelijker om vet op te slaan en moeilijker om het kwijt te raken. Maar de insuline-resistentie op haar beurt, kan het misschien moeilijker maken om vet op te slaan – je gewicht blijft op peil, zoals het hoort. Maar nu zou de insuline-resistentie wellicht je pancreas aanzetten om nóg meer insuline te produceren, het potentiële begin van een vicieuze cirkel dus.

Wat komt er het eerst – de zwaarlijvigheid, het verhoogde insulinegehalte, genoemd ‘hyperinsulinisme’, of de insuline-resistentie – is een kwestie als van de-kip-en-het-ei, dat nog niet is opgelost. Een endocrinoloog omschreef dit tegen mij als “een probleem, waarvan de oplossing de Nobel-prijs verdient”.

Invloed insuline op hongergevoel

Insuline beïnvloedt ook de honger zeer sterk. Met welk doel dat gebeurt is een ander twistpunt. Enerzijds kan insuline indirect honger veroorzaken doordat het je bloedsuikergehalte omlaag brengt. Maar hóe laag moet je bloedsuiker worden voor de honger toeslaat? Dat is nog onopgelost. Intussen werkt insuline in de hersenen om honger te onderdrukken.

De theorie is, zoals die mij uitgelegd werd door Michael Schwartz, een endocrinoloog aan de Universiteit van Washington, dat de mogelijkheid van insuline om eetlust te onderdrukken normaliter haar eigenschap om lichaamsvet te genereren tégenwerkt. Met andere woorden, terwijl je in gewicht toeneemt, maakt je lichaam bij elke maaltijd meer insuline aan, wat op zijn beurt je eetlust zou onderdrukken; je zou minder eten en gewicht verliezen.

Schwartz echter kan zich een simpel mechanisme voorstellen die dit “homeostatische” systeem uit balans brengt: als je hersenen hun gevoeligheid voor insuline verliezen, net zoals je vet en spieren doen, als ze ermee overspoeld worden.

Nu wordt de hogere insulineproductie, die samenhangt met dikker worden, niet meer gecompenseerd door je eetlust te remmen, omdat je hersenen de verhoging van het insulinegehalte niet meer registreren.

Het eindresultaat is een fysiologische toestand, waarbij zwaarlijvigheid een logisch gevolg is, en eentje waarbij de koolhydraten-insuline verhouding een grote rol kan spelen. Schwartz zegt dat hij gelooft dat dit inderdaad gebeurt, maar de wetenschap is nog niet ver genoeg gevorderd om het te bewijzen. “Het is maar een hypothese” zegt hij, “het moet nog verder onderzocht worden”.

David Ludwig, endocrinoloog aan Harvard, zegt dat het het directe effect van insuline op de bloedsuiker is, die het ‘m doet. Hij merkt op dat wanneer diabetici te veel insuline krijgen, hun bloedsuiker keldert en zij razende honger krijgen. Zij komen aan omdat ze meer eten, en bovendien bevordert insuline de vetproductie.

Hetzelfde gebeurt bij proefdieren. Dit, zegt hij, is feitelijk wat er gebeurt als we koolhydraten eten – in het bijzonder suiker en zetmelen zoals aardappelen en rijst, of iets wat van bloem wordt gemaakt, zoals een snee wit brood. Deze zijn in het jargon bekend als hoog-glycemische-index koolhydraten, wat betekent dat zij snel door het bloed worden opgenomen.

Vicieuze cirkel

Het gevolg is een bloedsuiker-piek en binnen enkele minuten een toevloed van insuline. De toevloed van insuline brengt je bloedsuiker omlaag en een paar uur later is je bloedsuiker láger dan het was vóór je at. Zoals Ludwig het uitlegt, denkt je lichaam feitelijk dat de brandstof op is, maar de insuline is nog steeds hoog genoeg om te verhinderen dat je je eigen vet verbrandt. Het resultaat is honger en een verlangen naar méér koolhydraten. Het is een andere vicieuze cirkel, en nóg een situatie die rijp is voor zwaarlijvigheid.

Het glycemisch-index concept en het idee dat zetmelen nog sneller in het bloed kunnen worden opgenomen dan suiker, ontstond in de late 70-er jaren, maar had opnieuw geen invloed op de publieke gezondheidsaanbevelingen, wegens de aanwezige controverses.

Stel je voor: als je het glycemisch-index concept aanvaardde, moest je ook aanvaarden dat de zetmelen, waarvan men veronderstelde dat wij die 6 tot 11 maal daags eten, eenmaal ingeslikt, fysiologisch niet te onderscheiden zijn van suiker. Dit maakte hen aanzienlijk minder gezond. Liever dan deze mogelijkheid te accepteren, lieten de politici suiker en maisstroop ontsnappen aan de smaad die vetten ten beurt viel. Tenslotte zijn ze vet-vrij…

Suiker en maisstroop in limonades, sappen en de copieuze maaltijden en sportdrankjes leveren nu meer de 10 procent van onze totale calorie-inname.

In de 80-er jaren werden bijvoorbeeld literflessen Coca-Cola geïntroduceerd, tjokvol suiker maar 100 procent vet-vrij. Wat insuline en bloedsuikers betreft, kunnen deze frisdranken en vruchtensappen – geleerden noemen ze ‘natte koolhydraten’ – wel eens het ergste van allemaal zijn. (Light-drankjes beslaan nog minder dan een kwart van de frisdranken-markt).

De strekking van de glycemische-index is, dat hoe langer koolhydraten nodig hebben om verteerd te worden, des te minder de invloed op bloedsuiker en insuline is, en hoe gezonder het voedsel is. De voedingsmiddelen die bovenaan de glycemische index staan, zijn enkelvoudige suikers, zetmelen en alles wat van bloem gemaakt is.

Groene groenten, bonen en volkoren granen veroorzaken een veel langzamere stijging van bloedsuiker omdat zij vezels bevatten, een onverteerbaar koolhydraat. Dat maakt de vertering langzamer en verlaagt de glycemische index. Eiwit en vet hebben dezelfde werking, wat betekent dat het eten van vet gezond kan zijn, een idee dat nog steeds onacceptabel is. En het glycemische-index concept houdt in dat de primaire oorzaak van Syndroom X, hartkwalen, Type 2 diabetes en zwaarlijvigheid de lange termijn beschadiging is die wordt veroorzaakt door herhaalde pieken van insuline die voortkomen uit het nuttigen van zetmelen en geraffineerde koolhydraten. Dit suggereert een min of meer eenduidige theorie voor al deze chronische ziektes, maar niet eentje die makkelijk valt binnen de vet-arme doctrine.

In zijn kliniek voor jongeren met overgewicht heeft Ludwig al vijf jaar laag-glycemische-index diëten voorgeschreven aan kinderen en opgroeiende jeugd. Hij raadt het Atkinsdieet niet aan omdat hij zegt te geloven dat een dusdanig lage-koolhydraten-aanpak onnodig beperkend is; in plaats daarvan raadt hij zijn patiënten aan om feitelijk de geraffineerde koolhydraten en zetmelen te vervangen door groenten en fruit.

Dit wordt een laag_glycemische_index dieet, dat overeenkomt met diëtaire logica, zij het op een meer vetrijke manier.
Zijn kliniek heeft nu een wachtlijst van negen maanden. Pas onlangs is het Ludwig gelukt de N.I.H. te overtuigen dat zulke diëten het bestuderen waard zijn. Zijn eerste drie voorstellen werden afgewezen, wat kan verklaren waarom het meeste van het relevante onderzoek in Canada en in Australië werd verricht.

In April echter, heeft Ludwig $ 1,2 miljoen van de N.I.H. ontvangen om zijn laag-glycemische-index dieet tegenover een vetarm-caloriearm-regime te testen. Dat kan wellicht helpen wat van de controverse over de rol van insuline bij zwaarlijvigheid op te lossen, alhoewel de geduchte Dr Atkins hem misschien wel sneller af is.

Dr. Atkins: eet weinig koolhydraten!

De 71-jarige Atkins, gepromoveerd aan de Cornell medical school, zegt, dat hij voor het eerst in 1963 een zeer koolhydraatarm dieet probeerde, nadat hij erover had gelezen in de Journal of the American Medical Association. Hij viel zonder moeite af, zag het ‘licht’ en maakte van een beginnende cardiologische praktijk in Manhattan een bloeiende obesiteits-kliniek.

Hij joeg vervolgens de gehele medische wereld tegen zich in het harnas, door zijn lezers aan te raden nét zo veel vet en eiwitten te eten als zij wilden, zo lang als zij maar weinig tot geen koolhydraten aten. Zij zouden afvallen, zei hij, omdat ze hun insulinepeil laag hielden; ze zouden geen honger hebben; en ze zouden minder weerstand ondervinden bij het verbranden van hun eigen vet.

Atkins gaf ook aan dat zetmelen en suiker in élk geval schadelijk waren omdat zij het triglyceride-gehalte verhogen. Dit is een groter gevaar voor hartkwalen dan cholesterol.

Atkins’ dieet is zowel de ultieme manifestatie van de alternatieve hypothese, als de arena waarin de vet-versus-koolhydraten controverse in de komende jaren waarschijnlijk zal worden uitgevochten. Na 30 jaar te hebben beweerd dat Atkins een charlatan was, vinden overgewicht-experts het nu moeilijk het veelvuldig en anecdotische bewijs te negeren, dat zijn dieet precies doet wat hij beweerde.

Neem bijvoorbeeld Albert Stunkard, Hij probeert al een halve eeuw zwaarlijvigheid te behandelen, maar hij vertelde me dat bij hem pas onlangs het kwartje viel over Atkins en wellicht ook over overgewicht, toen hij ontdekte dat de hoofd-radioloog in zijn ziekenhuis 60 pond was afgevallen dankzij het Atkins-dieet. “Nou ja, het schijnt dat al de jonge kerels in het ziekenhuis het volgen”, zei hij “dus besloten we een studie te doen”.

Toen ik Stunkard vroeg of hij of een van zijn collega’s dertig jaar geleden hadden overwogen om Atkins’ dieet te testen, zei hij dat dit niet het geval was, omdat ze dachten dat Atkins “een griezel” was, die er alleen maar op uit was om geld te verdienen. “Dit stootte mensen af, en daarom nam niemand hem serieus genoeg om te doen wat we nu eindelijk doen”.

Trouwens, toen de American Medical Association haar vernietigende kritiek op Atkins’ dieet in maart ’73 uitsprak, erkenden zij dat het dieet waarschijnlijk wel zou werken, maar toonden geen enkele belangstelling voor het waarom. Tijdens de 60-er jaren was dit het onderwerp van grondig onderzoek geweest, met de conclusie dat diëten zoals die van Atkins, vermomde laag-calorische diëten waren. Wanneer je pasta, brood en aardappelen uitsluit, wordt het moeilijk om genoeg vlees, groenten en kaas te eten, om die calorieën te vervangen.

Dat roept echter de vraag op, waarom zo’n laag-calorisch dieet ook honger zou onderdrukken, wat – volgens Atkins – het karakteristieke van zijn dieet was. Eén mogelijkheid was Edocrinologie 101: dat vet en eiwitten je verzadigen en dat je, bij gebrek aan koolhydraten en de daaropvolgende schommeling in bloedsuiker en insuline, verzadigd blíjft.

Dr. Atkins: ketose geeft meer energie dan sex!

De andere mogelijkheid kwam voort uit het feit dat Atkins’ dieet ‘ketogeen’ is. Dit betekent dat de insulinespiegel zo laag daalt dat je in een toestand van ketose geraakt, wat ook gebeurt tijdens vasten en hongersnood. Je spieren en vezels verbranden lichaamsvet voor energie, zoals je hersenen doen in de vorm van vetmoleculen – ketonen geheten – die door de lever worden geproduceerd. Atkins zag ketose als de logische manier om gewichtsverlies op gang te brengen.

Hij placht ook te zeggen dat ketose zó veel energie gaf dat het nog beter was dan sex, waarvoor hij nogal eens werd uitgelachen.
Een onvermijdelijke kritiek op Atkins’ dieet was dat ketose gevaarlijk zou zijn en ten koste van alles vermeden diende te worden.

Toen ik ketose-experts interviewde, waren zij het allemaal met Atkins eens, en suggereerden dat de medische wereld en de media ketose aanzien voor ketoacidosis, een variant van ketose die voorkomt bij onbehandelde diabeten en die fataal kan zijn.

“Dokters zijn bang van ketose”, zegt Richard Veech, een N.I.H.-onderzoeker die medicijnen aan Harvard heeft gestudeerd en daarna promoveerde aan de Oxford Universiteit, bij de Nobelprijswinnaar Hans Krebs. “Ze maken zich altijd zorgen over diabetische ketoacidosis. Maar ketose is een normale fysiologische toestand. Ik zou bijna zeggen dat ketose de normale toestand van de mensheid is. Het is niet natuurlijk om een McDonald en een afhaalrestaurant op elke straathoek te hebben. Normáál is om hónger te lijden”.

Simpel gezegd, ketose is het antwoord van de evolutie op het zuinigheids-gen. We zijn dan misschien wel geëvolueerd zodat we vet kunnen opslaan voor tijden van voedselschaarste, zegt Veech, maar we hebben ook ketose geëvolueerd om efficiënt van dat vet te kunnen leven, indien nodig. In plaats dat het vergif is, zoals het door de pers vaak wordt afgeschilderd, laat vet het lichaam efficiënter werken en biedt het een reserve aan brandstof voor de hersenen. Veech noemt ketonen ‘wondermiddelen’ en heeft aangetoond dat zowel het hart als de hersenen 25 procent efficiënter functioneren op ketonen dat op bloedsuiker.

De conclusie is dat Atkins bijna 30 jaar lang volhield dat zijn dieet werkte en veilig was, en blijkbaar tientallen miljoenen Amerikanen het uitprobeerden, terwijl voedingsdeskundigen, artsen, officiële gezondheidsdeskundigen en iedereen die ook maar iets met hartkwalen te maken had, bezwoeren dat het hun dood zou worden, maar weinig of geen aandrang toonden om uit te zoeken wie er nu gelijk had.

Gedurende die periode werd het dieet slechts door twee groepen van Amerikaanse onderzoekers getest, althans slechts twee groepen hebben hun resultaten gepubliceerd.

In de vroege 70-er jaren pionierden J.P. Flatt en Harvard’s George Blackburn met ”protein-sparing modified fast“ (noot van vertaalster: Dit zijn vervangmaaltijden als alternatief voor het totaal vasten. Psmf-diëten bevatten 30 à 40 gram eiwit aangevuld met koolhydraten, vetzuren, mineralen en spoorelementen. Het lichaam wordt hierbij verplicht om de benodigde energie te putten uit de eigen vetreserves. Psmf-diëten zijn enkel aan te raden bij extreem obese patiënten. Ze bewerkstelligen een groot gewichtsverlies op korte termijn, maar brengen geen verandering in het eetgedrag teweeg. Psmf producten zijn vrij verkrijgbaar, maar worden het best onder medisch toezicht gebruikt.)
Ze deden dit om post-operatieve patiënten te behandelen, en zij testten het op zwaarlijvige vrijwilligers.

Blackburn, die later president van de American Society of Clinical Nutrition werd, omschrijft zijn methode als “een Atkins dieet zonder overbodig vet” en zegt dat hij het een chique naam moest geven om serieus genomen te worden.

Het dieet was “mager vlees, vis en gevogelte” aangevuld met vitaminen en mineralen. “De mensen vonden het prachtig”, herinnert Blackburn zich. “Fantastisch gewichtsverlies. De mensen waren niet weg te sláán”. Blackburn behandelde in de volgende 10 jaren met succes honderden zwaarlijvige patiënten en publiceerde een serie artikelen, die genegeerd werden.

Toen in het midden van de 80-er jaren dikke New Englanders eetlust-remmende middelen gingen gebruiken, is hij ermee gestopt. Hij vroeg toen bij de N.I.H. een subsidie aan om een klinische test te doen met populaire diëten, maar het werd afgewezen.

Het tweede onderzoek, dat in September 1980 werd gepubliceerd, werd uitgevoerd aan het George Washington University Medical Center. Twee dozijn zwaarlijvige vrijwilligers stemden ermee in Atkins’ dieet acht weken te volgen en vielen gemiddelde 8 kilo per persoon af, zonder duidelijke nadelen, alhoewel hun LDL-cholesterol wel steeg.

De onderzoekers, geleid door John LaRosa, nu president van de State University of New York Downstate Medical Center in Brooklyn, concludeerden dat het gewichtsverlies van 8 kilo in acht weken waarschijnlijk met elk dieet zou zijn gebeurd, door “de nieuwigheid van iets uitproberen onder experimentele condities” en besteedden er verder geen aandacht aan.

Eindelijk een onderzoek naar het Atkins dieet

Nu hebben onderzoekers eindelijk besloten dat het Atkins dieet en andere koolhydraat-arme diëten onderzocht moeten worden, en doen dat nu tegenover traditionele calorie-arm en vet-arme diëten, zoals aanbevolen door de American Heart Association.

Om hun motivatie te verklaren vertellen ze altijd één van twee verhalen: Sommigen, zoals Stunkard, vertelden me dat iemand die zij kenden – een patiënt, een vriend, een andere arts – aanzienlijk was afgevallen door het Atkins dieet en, ondanks alle vooroordelen die het tegendeel beweerden, niet meer was bijgekomen.

Anderen zeggen dat zij gefrustreerd waren door hun onmacht om zwaarlijvige patiënten te helpen, zich verdiepten in de koolhydraat-arme diëten en vaststelden dat Endocrinologie 101 hen aansprak. “Als arts, was mij geleerd alle diëten zoals die van Atkins te honen”, zegt Linda Stern, een internist aan de Philadelphia Veterans Administration Hospital, “maar ik ben zelf met het dieet begonnen. Het ging fantastisch. En ik dacht dat dit misschien iets was wat ik mijn patiënten kon aanbieden”.

Geen van deze studies zijn door de N.I.H. gefinancieerd, en geen ervan is al gepubliceerd. Maar de resultaten zijn op conferenties bekendgemaakt door onderzoekers aan de Schneider Children’s Hospital op Long Island, Duke University en de University of Cincinnati, en door Stern’s groep aan de Philadelphia V.A. Hospital.

En dan is er nog het onderzoek dat Stunkard noemde, geleid door Gary Foster aan de University of Pennsylvania, Sam Klein, directeur van de Center for Human Nutrition aan Washington University in St.Louis, en Jim Hill, die de University of Colorado Center for Human Nutrition in Denver leidt.

Dieet van dr. Atkins over de hele linie beter dan low fat dieet

De resultaten van alle vijf studies zijn opmerkelijk consistent. Proefpersonen die de een of ander vorm van het Atkins dieet doen – hetzij zwaarlijvige pubers die het dieet 12 weken lang bij Schneider volgden, hetzij zwaarlijvige volwassenen met een gemiddelde van 140 kg, die het dieet zes maanden deden, zoals aan de Philadelphia V.A. – vielen tweemaal zoveel af als de proefpersonen die de vet-arme calorie-arme dieten deden.

In alle vijf studies verbeterden de cholesterolgehalten op dezelfde wijze bij beide diëten, maar het triglyceride-peil was aanzienlijk lager met het Atkins dieet. Hoewel de onderzoekers aarzelen hiermee in te stemmen, zou het suggereren dat het risico op hartkwalen kan worden verminderd als vet weer aan het voedsel wordt toegevoegd en de koolhydraten eruit verwijderd. “Ik denk dat wanneer dit eenmaal erkend wordt”, zegt Stunkard, “dat dit het denken over zwaarlijvigheid en metabolisme flink op zijn kop zal zetten”.

Dit zou allemaal zo snel mogelijk geregeld moeten worden, waarmee we wellicht een paar lang-verwachte antwoorden kunnen krijgen op vragen als: waarom wij dik worden en, of het inderdaad door sociale omstandigheden is voorbeschikt of door onze voedselkeuze.

Voor het eerst financieert de N.I.H. nu zowaar vergelijkende studies van populaire diëten. Foster, Klein en Hill hebben nu bijvoorbeeld meer den $2,5 miljoen van de N.I.H. ontvangen om een 5-jarig-onderzoek te doen naar het Atkins dieet met 360 zwaarlijvige mensen. Aan Harvard, hebben Willett, Blackburn and Penelope Green ook geld ontvangen om een vergelijkend onderzoek te doen, zij het dan van Atkins’ nonprofit stichting.

Mochten deze klinische onderzoeken ook in het voordeel van Atkins en zijn vetrijke, koolhydraatarme dieet uitvallen, dan hebben de volksgezondheid-autoriteiten een probleem.

Toen zij zich 25 jaar geleden in goed vertrouwen uitspraken vóór het vetarme dogma, lieten zij weinig ruimte voor tegenovergestelde bewijzen of een verandering van mening, mocht zo’n verandering noodzakelijk zijn om de wetenschap bij te houden.

In dit licht is de ervaring van Sam Klein opmerkelijk. Klein is toekomstig president van de North American Association for the Study of Obesity (zwaarlijvigheid), hetgeen suggereert dat hij een zeer gerespecteerd lid is van deze organisatie. En tóch omschreef hij zijn recente ervaring tijdens het bespreken van het Atkins dieet tijdens een medische conferentie als een leerrijke ervaring. “Ik ben onder de indruk”, zei hij, “van de onverbloemde toorn van de academici. Hun reactie is: Hoe durft u ook maar gegevens over het Atkins dieet te presenteren!”.

Bij velen nog steeds angst voor vetrijk dieet

Deze vijandige houding komt hoofdzakelijk voort uit de vrees dat Amerikanen, als zij een glimpje hoop opvangen met het oog op hun gewicht, zich en masse op een dieet zouden storten, dat intuïtief gevaarlijk lijkt en waarover er nog steeds geen lange termijn gegevens bestaan over of het wel werkt en of het veilig is. Het is een gerechtvaardigde angst.

In de loop van mijn onderzoek, heb ik ochtendenlang naar mijn bord met roerei en worst zitten kijken, ervan overtuigd dat zij op de één of andere manier wel bezig moesten zijn om mijn aderen te verkalken en mij de das om te doen.

Na 20 jaren doordrenkt te zijn met vet-arm, vind ik het moeilijk de voedingswereld op een andere wijze te bekijken.
Ik heb geleerd dat vetarme diëten falen in klinische onderzoeken en in het echte leven, en ze hebben zéker in mijn leven gefaald. Ik heb de kranten gelezen die suggereren dan 20 jaar van vetarme aanbevelingen er niet toe hebben bijgedragen dat het vóórkomen van hartkwalen in dit land is verminderd, en wellicht inderdaad hebben geleid tot de scherpe stijging van zwaarlijvigheid en Type 2 diabetes.

Ik heb onderzoekers geïnterviewd, wier computers hebben uitgerekend dat het terugbrengen van verzadigde vetten in mijn voeding, tot het peil dat wordt aangeraden door de American Heart Association, niet meer dan een paar maanden aan mijn leven zou toevoegen, als het niet minder is. Ik ben zelfs relatief gemakkelijk aanzienlijk afgevallen door het opgeven van koolhydraten tijdens mijn proef-dieet, en tóch kan ik naar mijn eieren en worst kijken en nog steeds het dreigende gevaar van hartkwalen en overgewicht voelen. Dat laatste wordt vast en zeker veroorzaakt door een of ander bizar fenomeen, dat de wetenschap nog niet heeft weten te omschrijven.

Het feit dat Atkins zelf onlangs last had van zijn hart stelt mij niet gerust, ondanks zijn verzekeringen dat het niet dieet-gerelateerd is.

Dit is de gemoedstoestand waarin ik geloof dat huidige voedingsdeskundigen, onderzoekers en artsen de huidige controverse tegemoet treden. Zij zullen wellicht van mening veranderen maar het bewijs zal buitengewoon overtuigend moeten zijn. Hoewel John Farquhar, professor van gezondheidsonderzoek en –politiek aan de Stanford Universiteit, zo’n bekering ondergaat, en hij werkt al ruim 40 jaar in dit beroep.

Toen ik Farquhar in April interviewde, legde hij uit waarom vetarme diëten naar gewichtstoename kunnen leiden en koolhydraat-arme diëten naar gewichtsverlies kunnen leiden, maar hij liet me beloven niet te zeggen dat hij dat gelóófde.

Hij schreef de oorzaak van de zwaarlijvigheidsepidemie toe aan de “voedingsdwang van een natie”. Drie weken later, na een artikel te hebben gelezen over Endocrinologie 101 door David Ludwig in de Journal of the American Medical Association, stuurde hij mij een emailbericht, met de niet geheel retorische vraag “Kunnen we de vet-arm-voorstanders zover krijgen dat ze zich verontschuldigen?”

Bron: New York Times, 7 July 2002 (Vertaling door TheNewFood)
Oorspronkelijke titel: What If It’s All Been A Big Fat Lie 
Auteur: Wetenschapsjournalist Gary Taubes  Meer over Gary Taubes.

Delen